Bondscoach als uithangbord van bond zonder visie

De kritiek van Schalken op de dubbelfunctie van bonds- coach Schapers is vooral een aanklacht tegen de gebrekkige structuur bij de Nederlandse tennisbond. ,,Schapers hoeft aan niemand verantwoording af te leggen.''

Met zijn kritiek op het functioneren van Michiel Schapers en zijn technische staf heeft tennisser Sjeng Schalken niet de capaciteiten van de bondscoach ter discussie gesteld. Zijn onvrede betreft vooral de gebrekkige structuur bij de Koninklijke Nederlandse Lawn en Tennisbond (KNLTB), waar het amateurisme sinds jaar en dag hoogtij viert. Bij gebrek aan kennis van toptennis binnen het bondsbestuur hebben Schapers en vrouwencoach Hans Felius een machtspositie gecreërd, waarin niemand hun daden objectief kan beoordelen.

Zo mocht Felius ongestraft zijn belachelijke idee uitvoeren om de vrouwendubbels Boogert/Oremans en Bollegraf/Vis een play-off te laten spelen voor een plaats op de Spelen van Sydney. Alsof twee potjes op een achterafbaan in Buitenveldert een ware indicatie geven over de kracht van de olympische kandidaten. Felius durfde zelf geen beslissing te nemen, omdat hij geen duidelijke afspraken had gemaakt met zijn speelsters. Hij verschuilde zich vervolgens achter NOC*NSF, dat een barrage vreemd genoeg als een Salomonsoordeel wenste te accepteren. Met als gevolg dat Felius als captain van het Fed-Cupteam zijn geloofwaardigheid heeft verloren.

Alleen in Nederland is de tennisbondscoach tevens de captain van het landenteam en Schalken heeft de negatieve kanten van die dubbelfunctie niet ten onrechte aan de orde gesteld. De begeleider van het Davis-Cupteam heeft overigens voornamelijk een ceremoniële taak. Net als zijn voorganger Stanley Franker is Schapers toch vooral een marionet in handen van de topspelers, die zelf bepalen – zie de afmeldingen van Krajicek – of de Davis Cup in hun programma past. Als bondscoach heeft Schapers tot zijn spijt al helemaal niets te zeggen over de BV's van de tennisprofs.

Maar die situatie is historisch gegroeid. Ook onder Franker heerste een verstikkende status quo, waarbij een directeur toptennis (Frans Otten) slechts kwispelstaartend achter zijn baas aanhuppelde. Toen hoefde Franker slechts verantwoording af te leggen aan de vorig jaar opgestapte bondsvoorzitter Ruurd de Boer, onder wiens leiding de KNLTB enkele miljoenen guldens verkwistte aan op lucht gebaseerde plannen voor een nieuw bondsbureau. Van de huidige voorzitter Klaas Rijpma is alleen zijn naam en niet zijn visie bekend. Hij kan na het vertrek van Zilveren Kruis in elk geval op zoek naar een nieuwe hoofdsponsor, maar Rijpma zal vooral de bondsstructuur moeten herzien.

Volgens Tjerk Bogstra, oud-coach van Jan Siemerink, zou de KNLTB op korte termijn een technisch-directeur moeten aanstellen. ,,Want nu hoeven Schapers en Felius aan niemand verantwoording af te leggen. Als Co Adriaanse het vak van bondscoach het hoogste ambt noemt, gelden ook bepaalde kwaliteitseisen voor de trainers van Jong Oranje. In dat opzicht vind ik het dubieus dat Schapers twee relatief onervaren coaches als Wijnhoud en Bank heeft aangesteld.'' Had Bogstra niet stiekem zelf op een telefoontje van Schapers gerekend? ,,Bij de tennisbond zit niemand te wachten op een trainer met een eigen mening'', schampert Bogstra. ,,Daar gaan ze juist niet naar op zoek.''

Volgens Rob Spaan is het oproer binnen Jong Oranje slechts een afgeleide van de aloude strijd tussen bond en privé-scholen. De directeur van de Amsterdamse tennisclub Popeye Gold Star velt een hard oordeel over wat hij ,,oneerlijke concurrentie'' noemt. ,,Het is een antiek verhaal'', zegt Spaan. ,,De KNLTB houdt talenten een zak met geld voor met het idee dat zij het beter doet dan de tennisscholen. Maar Wijnhoud en Bank hebben bij Jong Oranje geen enkele toegevoegde waarde. Het probleem is dat wij niet beschikken over de financiële middelen om de opleiding van een speler te voltooien. Tennis is bijna weer elitair geworden.''

Ook het samenwerkingsverband tussen de tennisscholen heeft de financiële armslag niet vergroot. Tijdens een bijeenkomst tijdens de Dutch Open in Amsterdam stond Schapers open voor nauwere samenwerking met de rivaliserende tennisscholen. ,,Mede gedwongen door de ellende bij Jong Oranje heeft ook Schapers ingezien dat we gezamenlijk nieuw talent moeten opleiden'', zegt Spaan. En cynisch: ,,Als speler heeft Schapers zich altijd scherp tegen de bond afgezet. Hij was een self made-man, die met Simek als coach zijn eigen weg zocht. Je ziet hoe iemand kan veranderen als hij zelf op het pluche zit.''

Maar comfortabel zit Schapers daar allerminst. Aan zijn capaciteiten als coach hoeft niet te worden getwijfeld, die zijn ook volgens zijn critici boven alle lof verheven. De bondscoach is echter geen bruggenbouwer. In veel opzichten is hij de eenling gebleven, die hij vroeger was als pionier van het Nederlandse tennis. En als uithangbord van een bond zonder visie is Schapers gedoemd een eenzame predikant te blijven in een tenniswereld, die juist de KNLTB als grootste tegenstander beschouwt.

    • Robèrt Misset