Zomaar een botsing

Plotseling schiet de rode Mazda veertig meter voor ons de linker vluchtstrook op, richting vangrail. Een paar meter daarachter springt het glas in het rond; een groene Peugeot 306 boort zich in een blauwe spacewagon. We vliegen met zo'n honderd kilometer per uur op de wrakken toe.

Naast me zet fotograaf Roger Cremers z'n voet schrap op het rempedaal en beiden kijken we gespannen vooruit. Dit is dus een kettingbotsing, flitst het door me heen. Ik voel geen angst. Alleen een droge nieuwsgierigheid: of we het gaan redden.

Er is geen geluid van rinkelend glas, geen geknars van wringend staal, geen gepiep van banden – licht gaat sneller dan geluid. In een serene glijvlucht naderen we de staart van de ketting.

Het rempedaal doet z'n werk, we vertragen, maar niet snel genoeg. De afstand krimpt rapper dan de snelheid. Vijf meter voor de landing gooit Roger het stuur om en benut een gaatje op de rechter rijstrook om rakelings langs de Peugeot te manoeuvreren. Onze wielen malen zich door glas en plastic en in de achteruitkijkspiegel zien we hoe de bestuurster van de Peugeot in de riemen omhoog wordt geworpen, als de blauwe Ford Fiesta, die achter ons reed, zich met kracht in haar achterbumper drukt.

,,Ai, dat arme meisje'', kreunt Roger, onze sprakeloosheid verbrekend.

Roger zet de auto op de vluchtstrook, gooit het portier open en rent terug. Andere bestuurders staan al te trekken aan het linker portier van de Peugeot, maar die zit definitief op slot. Ik wurm me via de bestuurdersplaats naar buiten, en als ik bij het wrak ben aangeland, is de chauffeuse toch bevrijd, via de andere kant. Ik ga naast haar zitten op de vangrail.

,,Is alles goed met mij?'' vraagt ze. Er loopt een straaltje bloed over haar gezicht.

Ik knik. ,,Volgens mij wel. Een beetje bloed, het ziet er niet ernstig uit.'' Ze haalt een geel gsm'etje uit haar zak en typt met een bevende vinger een nummer. ,,Mam, met mij. Ik heb een auto-ongeluk gehad.''

Uit de file die zich achter ons heeft gevormd, trekt over de rechter rijstrook een busje op. De chauffeur heeft het raam naar beneden gedraaid: ,,Klootzakken!'' brult hij.

    • Mark Mieras