ETA-moord op officier in Baskenland

De Baskische afscheidingsbeweging ETA heeft de druk van de terreuraanslagen verder opgevoerd met de moord, gistermiddag in Berriozar nabij Pamplona, op een luitenant uit het Spaanse leger.

De man werd door een ETA-terrorist door het hoofd geschoten nadat hij zijn auto in de garage van zijn huis had geparkeerd. De moordaanslag volgt op die van eergisteren op een provinciale werkgeversvoorzitter in het Baskische stadje Zumaia.

De nieuwe aanslag heeft andermaal tot grote commotie geleid in Spanje, waar juist gisteren een aantal grote manifestaties waren georganiseerd om tegen de moord van de dag ervoor te protesteren. Het laatste slachtoffer betreft Francisco Casanova, een 46-jarige beroepsmilitair met een administratieve functie. Kort nadat de ETA-terrorist hem doodschoot werd zijn verminkte lichaam ontdekt door zijn vrouw en twee kinderen van zeven en elf jaar. De moord op Casanova leidde tot emotionele scènes in het gemeentehuis van Berriozar. Woedende burgers eisten daar het aftreden van de burgemeester die behoort tot de politieke formatie van de ETA.

Casanova is de tweede militair onder de negen slachtoffers die zijn gevallen sinds de ETA eind vorig jaar aankondigde haar moordaanslagen te hervatten. Het eerste slachtoffer betrof een kolonel die in januari werd vermoord niet ver van zijn huis in Madrid. Onder de circa 800 slachtoffers die de ETA heeft gemaakt bevinden zich 93 militairen.

De afgelopen vier weken pleegde de ETA veertien aanslagen, waarbij vier doden en een twintigtal gewonden vielen. Maandagavond ontplofte in Bilbao een auto met vier veronderstelde ETA-terroristen, toen de 25 kilo dynamiet die zij vervoerden tot ontploffing kwam.

De Spaanse minister van binnenlandse zaken, Jaime Mayor Oreja, sprak gisteren onder verwijzing naar de nieuwe golf van terreuraanslagen van ,,de zwaarste en meest gewelddadige'' situatie die regering van de conservatieve Partido Popular tot dusver heeft meegemaakt. Hij drong aan op kalmte en ,,democratische weerstand'' tegen het nieuwe ETA-offensief. Mayor Oreja had gisteren een langdurig onderhoud met premier Aznar op diens vakantie-adres aan de Spaanse oostkust en liet zich vervolgens overvliegen naar de plaats van de laatste aanslag.

In het Baskische stadje Zumaia gingen gisteren duizenden inwoners de straat op in een protestmars tegen de aanslag, dinsdag, op hun stadgenoot José María Korta. De stoet werd aangevoerd door de Spaanse vice-premier Rodrigo Rato en de regio-president van Baskenland Juan José Ibarretxe. Het is voor het eerst sinds lang dat vertegenwoordigers van de centrale regering in Madrid en de regionale Baskische regering weer gezamenlijk in een protestmars tegen het geweld van de ETA lopen. De wederzijdse verhoudingen zijn slecht, sinds de Baskisch-nationalistische PNV, die de minderheidsregering in Baskenland vormt, weigert haar pact met de ETA-aanhang te verbreken ondanks de hervatting van het geweld.