Vegetariërs krijgen vaker een meisje

Vegetarisch etende vrouwen die zwanger worden hebben tien procent meer kans op een meisje dan vleesetende vrouwen. Dat blijkt uit Brits onderzoek naar de uitkomst van 6.000 zwangerschappen in het City Hospital in Nottingham. Eén op de twintig vrouwen die daar beviel was vegetariër. Zij kregen 85 jongens op iedere 100 meisjes. De vrouwen die ook vlees aten kregen 106 jongens op iedere 100 meisjes, wat de normale verhouding in Groot-Brittannië is. Het enige verschil dat, behalve het dieet, van invloed kon zijn was het roken. Van de vleeseters rookte een kwart voor of tijdens de zwangerschap. Bij de vegetarische zwangeren was dat tien procent. Roken geeft een iets hogere kans op een meisje, maar in dit onderzoek was het verschil zo groot dat het niet door het roken kon worden verklaard.

De grote vraag is of groente-eten meer meisjes oplevert, of vleeseten meer jongens. Is dat laatste waar, dan valt met het weglaten van vlees de `jongetjesstimulans' weg en resteren er meer meisjes.

De meeste deskundigen hangen de `groente-geeft-meer-meisjes-hypothese' aan en zoeken de verklaring bij de stoffen in groenten die in het lichaam de werking van het vrouwelijke geslachtshormoon oestrogeen imiteren. Een aantal pesticiden hebben deze pseudo-oestrogene werking, maar veel planten bevatten van nature stoffen met dezelfde werking. Soja bevat bijvoorbeeld zoveel planten-oestrogenen (fyto-oestrogenen) dat er een nog onbewezen beschermende werking tegen borstkanker en andere hormoongevoelige kankers aan wordt toegeschreven. Een sojarijk dieet veroorzaakt bij ratten overigens vruchtbaarheidsproblemen. De groeisnelheid van vegetarisch etende kinderen kan in de eerste twee jaar wat achterblijven, maar herstelt zich daarna.