Wahid moet eindelijk eens laten zien dat hij de baas is

Negen maanden na zijn aantreden als eerste gekozen president van Indonesië, zwelt de kritiek op Abdurrahman Wahid aan. Hij kan het tij keren, mits hij zijn regering wijzigt en een krachtige figuur tot `eerste minister' benoemt, meent Adam Schwarz.

In een euforie begroetten de Indonesiërs negen maanden geleden Abdurrahman Wahid, hun eerste democratisch gekozen president sinds meer dan veertig jaar. Wahid, een populair, charismatisch moslimleider, werd in binnen- en buitenland uitbundig geprezen als religieus pluralist, politiek democraat, economisch pragmaticus en brenger van nationale eenheid.

Inmiddels moet men goed luisteren om zelfs maar de nagalm van al het enthousiasme te horen. Hoewel hij in sommige delen van dit uitgestrekte land nog steeds populair is, is Wahids notering onder politiek actieve Indonesiërs gekelderd. Dit komt voor een deel omdat pas sinds kort in bredere kringen bekend is geworden met wat voor gigantische problemen Indonesië kampt. Wahid wordt verantwoordelijk gesteld voor alle onvervulde en onrealistische verwachtingen die bij de Indonesiërs leven. Maar meer dan eens is de president ook zijn eigen ergste vijand geweest.

Zich niets aantrekkend van de wankele basis onder zijn coalitie heeft hij zijn medestanders voor het hoofd gestoten, zijn ministers gedemoraliseerd, zijn tegenstanders het bloed naar de slapen gejaagd en zijn adviseurs genegeerd. Zijn openbare uitspraken zijn onvoorspelbaar, tegenstrijdig en soms regelrecht irrationeel. Hij heeft het compromis gezocht waar principiële stellingname geboden was, en koppig front gemaakt waar een meer ervaren politicus zou hebben toegegeven. Hervormingen op belangrijke terreinen zijn in het slop geraakt. Over de hele linie zijn beleidslijnen, voorzover te onderscheiden, verward.

Het is voor president Wahid nog niet te laat om zijn imago van politieke onbeholpenheid en bestuurlijke incompetentie op te poetsen. Maar veel tijd heeft hij niet meer. Tenzij hij zijn koers wijzigt, dreigen hij en zijn vijanden in botsing te komen met averij aan beide zijden en schade aan de prille Indonesische democratie.

Vandaag komt, met het begin van de 11-daagse zitting van de Raadgevende Volksvergadering, de worsteling in de openbaarheid. Onder de president Soeharto kwam de vergadering eenmaal in de vijf jaar bijeen om diens herverkiezing te sanctioneren. Thans komt ze, met nieuwe bevoegdheden, jaarlijks bijeen, vastbesloten de president tot de orde te roepen.

Men is van plan een voorstel in stemming te brengen dat de Indonesische grondwet tot het uiterste op rekbaarheid zal beproeven, omdat het de vergadering in feite het recht zou verlenen de president af te zetten met een gewone meerderheid van stemmen. Als het voorstel het haalt, zal dat de Indonesische politiek vrijwel zeker nog ongewisser en onvoorspelbaarder maken. Het zou wel eens kunnen leiden tot een periode van draaideurkabinetten naar Italiaanse snit. En daaraan heeft Indonesië geen enkele behoefte.

De tijd is rijp voor een akkoord. De hoogste politieke leiders – vice-president Megawati Sukarnoputri, voorzitter van de Raadgevende Volksvergadering Amien Rais en voorzitter van het Parlement Akbar Tandjung – zouden hun uitlatingen over afzetting moeten staken en de neiging om iedere kwestie van openbaar beleid door de partijpolitieke mangel te halen, moeten bedwingen. Ze hebben allen de hand gehad in de benoeming van Wahid en in de totstandkoming van het onwerkbare kabinet waarmee hij is opgezadeld. En ze moeten thans iets doen aan de gevolgen, en er niet voor wegvluchten.

Maar zo'n akkoord is alleen mogelijk als president Wahid van zijn kant een aantal fundamentele veranderingen van stijl en inhoud toezegt. Ten eerste moet hij zijn kabinet stroomlijnen en het bureaucratische apparaat enige discipline bijbrengen. Zijn regering heeft al te veel gepraat over en te weinig gedaan aan kwesties variërend van herziening van de rechtspraak, tot het onderzoek naar geruchtmakende corruptieschandalen en de privatisering van staatseigendommen.

Wahid komt onder steeds grotere druk te staan om een krachtige figuur als stafchef of `eerste minister' te benoemen, die in staat is de regering te laten werken als een team dat de orders van de president uitvoert.

Voor deze post zijn al verschillende goede kandidaten genoemd, maar wie de post bezet is van minder belang dan de functieomschrijving. De eerste minister kan alleen effectief optreden als zijn positie wordt erkend door de grote politieke partijen. Daarnaast moet de nieuwe functie voldoende bevoegdheden krijgen om weerstand te bieden aan Wahids voorliefde voor micro-management en aan zijn neiging om beslissingen van ondergeschikten ongedaan te maken. Het spreekt vanzelf dat er onder Wahids naaste medewerkers mensen zijn die de instelling van de nieuwe functie met lede ogen zullen aanzien.

Ten tweede moet Wahid zijn regering wijzigen, die na zijn verkiezing is gevormd als compromis tussen een waaier van politieke, religieuze en geografische belangengroepen. Er bestaat vooral behoefte aan een nieuw economisch team dat minder schatplichtig is aan rivaliserende politieke kampen en beter in staat de moeilijke compromissen te sluiten die nodig zijn om de economie van Indonesië economie weer vooruit te helpen.

Het zijn twee maatregelen van de waslijst met kwesties die Wahids aandacht dringend behoeven: de overheveling van fiscale bevoegdheden naar de regio's; het separatisme en het sektarisch geweld in Atjeh, Irian Jaya en de Molukken; de bestrijding van de nog altijd overstelpende buitenlandse schuld; en de hervorming van de strijdkrachten – om slechts enkele punten te noemen.

Maar in elk geval zullen ze Wahid en het politieke establishment in Jakarta de gelegenheid bieden om deze en andere kwesties de aandacht te schenken die ze verdienen. En degenen die het als hun eerste prioriteit zien de president ten val te brengen, zou door de genoemde politieke veranderingen de voet dwars worden gezet.

Adam Schwarz is auteur van het boek A Nation in Waiting: Indonesia's Search for Stabilitiy.

©International Herald Tribune

    • Adam Schwarz