EEN SPITS DIE STEEDS MINDER NADENKT

Al elf jaar maakt Suzan van der Wielen (28) deel uit van de Nederlandse hockeyselectie. Na het brons van Atlanta en het WK- zilver in Utrecht hoopt de recordinternational in Sydney de kroon op het werk te zetten. ,,Wij hebben wat de Australiërs niet hebben: creativiteit.''

Het einde nadert, maar bezig met haar aanstaande afscheid zegt Suzan van der Wielen niet te zijn. ,,Ik heb zo vreselijk veel zin in de Spelen dat ik nog geen moment stil heb gestaan bij het feit dat het over ruim anderhalve maand voorbij is.'' Twijfelen doet ze desondanks niet: na `Sydney' is het gedaan met de hockeycarrière, die begon toen haar vader, destijds jeugdcoach bij HCP uit Prinsenbeek, haar als kleuter meezeulde naar het veld.

Na de Olympische Spelen geeft de 28-jarige aanvalster voorrang aan haar maatschappelijke carrière, een fulltimebaan als apotheker. ,,De combinatie sport-werk is niet langer vol te houden'', verklaart Van der Wielen. ,,De laatste jaren was het elke dag rennen en vliegen. Ik heb roofbouw op mijn lichaam moeten plegen. Zeker omdat ik regelmatig in het weekeinde diensten moest draaien. Bovendien was ik zeventien toen ik mijn debuut maakte voor het Nederlands elftal. Na zo'n lange tijd is wel 'ns een keertje mooi geweest.''

Afgelopen weekeinde mocht Van der Wielen weer twee streepjes achter haar naam zetten. Niet dat ze veel geeft om het interlandrecord dat ze eind januari, tijdens een oefenstage in Zuid-Afrika, overnam van oud-ploeggenote Carina Benninga. En toch: na het oefenduel van gisteren, de 5-1 zege op Canada op het `Sydney-veld' in Amstelveen, staat de teller op het indrukwekkende aantal van 177 interlands en 65 doelpunten.

Maar Van der Wielen zegt vooral titels na te jagen, geen individuele records. Na het brons (Atlanta) en het zilver (WK Utrecht) hoopt de recordinternational in Sydney de kroon op het werk te zetten. Nee, dat is geen dagdromerij, weet Van der Wielen, maar een realistisch doel. Ter illustratie wijst ze nog maar eens op de WK-finale van twee jaar geleden. Nederland verloor weliswaar met 3-2 van de gedoodverfde favoriet voor olympisch goud in Sydney, gastland Australië. ,,Maar de marge was nog nooit zo klein als toen. We verloren uiteindelijk omdat we op een gegeven moment fysiek niet meer mee konden in dat moordend tempo van de Australiërs. En juist op dat punt hebben we de laatste twee jaar enorme vooruitgang geboekt. Bovendien hebben wij wat zij niet hebben: creativiteit.''

Australië is dé exponent van het krachthockey dat de laatste jaren de overhand heeft gekregen. ,,Hockey is meer en meer een hardloopwedstrijd'', zegt Van der Wielen. ,,Wie het tempo niet kan bijbenen, is gezien. Ook al ben je nog zo handig je met bal en stick. Goed hockeyen betekent tegenwoordig zo min mogelijk acties maken.''

Een gave die Nederland vier jaar geleden nog niet beheerste, toen de bronzen medaille in Atlanta met meer geluk dan wijsheid uit het vuur werd gesleept. Tegenwoordig staan de hockeysters – en Van der Wielen kan het niet vaak genoeg zeggen – vastberaden op het kunstgras. ,,Alle speelsters zijn gegroeid, zowel mentaal als fysiek. Iedereen is bewuster met hockey bezig. Vier jaar geleden wilde de paniek nog wel eens toeslaan zodra we op achterstand kwamen. Mochten dat nu onverhoopt gebeuren, leggen we de bal zonder blikken of blozen weer op de middenstip, in de vaste overtuiging dat we de schade ongedaan zullen maken.''

Zelf heeft Van der Wielen ook een metamorfose ondergaan. Want de middenveldster die de bal nodeloos lang aan haar stick hield, die speelster bestaat niet meer. Met dank aan bondscoach Tom van 't Hek, die haar omschoolde tot een doelgerichte, koelbloedige spits. ,,Tom heeft me voorgehouden dat ik meer met m'n hart moest spelen. Zeker als spits moet je zo nu en dan een actie inzetten en verder niet nadenken. Omdat ik begonnen ben als middenveldster hockeyde ik om aan bal niet te verliezen. Terwijl je als spits juist risico's in je spel moet durven leggen.''

Haar verstandhouding met Van 't Hek is de laatste jaren regelmatig aanleiding geweest voor speculaties. Zo zou Van der Wielen drie jaar geleden, na de verwijdering van Noor Holsboer, op het punt hebben gestaan om op te stappen, uit solidariteit met haar in onmin geraakte clubgenote en vriendin. Maar dat, zo zegt Van der Wielen, is een misvatting. Bovendien: ,,Ik kan het prima vinden met Tom en hij met mij. We zijn het niet altijd eens, maar dat hoeft ook niet. Ik ben redelijk eigenwijs en hij ook.''

Niettemin betreurt Van der Wielen het gedwongen vertrek van Holsboer. ,,Ik vind het nog altijd een groot misverstand. Eén iemand werd de dupe. Terwijl Noor alleen maar wilde aangeven dat het team meer sturing nodig had. Daarin had ze in mijn ogen wel een beetje gelijk. Achteraf blijkt dat Tom die kritiek niet naast zich neer heeft gelegd. Tot die tijd ging hij uit van de eigen creatieve instelling van speelsters. Nu hanteren we met een duidelijk spelconcept, met heldere richtlijnen, waarbinnen iedereen z'n plaats heeft gevonden.''

Al haar verdiensten en ervaring ten spijt, zeker van een basisplaats is Van der Wielen niet. Zo groot is de onderlinge concurrentie inmiddels dat niemand meer zeker is van ,,een abonnement'', zoals Van't Hek het graag uitdrukt. Van der Wielen schikt zich zonder morren in haar lot. ,,Niemand vind het leuk om op de bank te zitten, ik dus ook niet. Maar een coach moet ook impopulaire maatregelen nemen. Ik heb me d'r heel lang tegen verzet, maar ben uiteindelijk tot het inzicht gekomen dat het de energie niet waard is. Die energie kan ik beter aanwenden op de momenten dat ik in het veld sta.''

Sinds het WK in Utrecht hebben de hockeysters de stijgende lijn te pakken. Des te verrassender was de stroeve start bij het toernooi om de Champions Trophy, ruim twee maanden geleden in Amstelveen, met als triest dieptepunt het duel tegen Argentinië (0-1), toen het elftal een dolende indruk maakte en blij mocht zijn dat de schade beperkt bleef.

Achter de schermen rommelde het toen Van 't Hek besloot conclusies te verbinden aan de nederlaag. Zo moest Carole Thate de aanvoerdersband na drie jaar inleveren en werd Van der Wielen naar de reservebank verbannen. Bedachtzaam: ,,Leuk was anders, maar met leuk zijn win je geen wedstrijden. Kennelijk vond Tom het nodig om in te grijpen. Natuurlijk moest ik even op mijn tanden bijten. Maar goed: we hebben dat toernooi gewonnen, dus wat zou ik klagen.''

Maar sprankelend was het spel van de Europees kampioen niet en voor het eerst sinds lange tijd vertoonde het elftal weer kwetsbare plekken. Van der Wielen kan en wil het niet ontkennen: ,,Ons niveau kon niet tippen aan wat we vorig jaar bij het EK hebben laten zien. Maar als ik zie waar deze groep na een week trainen al weer staat, dan maak ik me geen zorgen.''

Van der Wielen zoekt de verklaring voor de curieuze inzinking in de aanloop. ,,De meeste speelsters kwamen rechtstreeks vanuit de play-offs bij de selectie. We hebben drie à vier met de volledige groep kunnen trainen, en toen begon het toernooi. Dat is te weinig voor een Champions Trophy. Verder waren sommigen na zo'n zwaar seizoen een beetje hockeymoe.''

Dat gold niet voor Van der Wielen, want met haar club HGC slaagde de aanvalster er voor het tweede opeenvolgende jaar niet in om plaatsing voor de play-offs af te dwingen. Een bevredigend afscheid was haar zodoende niet gegund en in stilte speelde ze haar laatste wedstrijd voor de club uit Wassenaar. Als pleister op de wonde kreeg Van der Wielen nog wel de Golden Stick, de prijs voor de beste speelster van het jaar.

Een prettig seizoen was het toch al niet. Eind februari, na de nederlaag tegen Laren (5-0), werd coach Karel Muns per mobiele telefoon (!) de wacht aangezegd. Van der Wielen was onaangenaam verrast door de bliksemactie van voorzitter Paul van Ass. ,,De speelsters wisten van niets. We hoorden het op het moment dat het besluit al genomen was. Wij kregen niet eens de kans om onze mening te laten horen. Daar had ik moeite mee en dat heb ik Van Ass ook gezegd. Die gaf toe dat het ontslag inderdaad niet de schoonheidsprijs verdiende.''