`Stukje ontwikkelingswerk in eigen achtertuin'

Het tweede huisje is voor steeds meer Nederlanders een bereikbare luxe. Vandaag deel 4 van een serie: Mia (53) en Paul (52) kamperen al 17 jaar bij de boer. `Ingeborg was steeds met de pony's in de weer.'

. Willem van den Berg (59) was een van de eerste kampeerboeren. Hij vond al begin jaren zeventig dat mensen uit de Randstad ook moesten kunnen genieten van ,,de blauwe lucht en het groene gras''. Hij stelde zijn boomgaard naast zijn boerderij met melk- en vleeskoeien in Meerkerk (Alblasserwaard) beschikbaar aan een gezin uit de Haagse Schilderswijk met twaalf kinderen. Boer Willem: ,,Ze zaten als sardientjes in blik opeengepakt in een bungalowtent.''

Het gezin werd bijna door de politie van het terrein gezet, want kamperen bij de boer was toen nog verboden. Alleen de door Van den Berg haastig opgetrommelde pers kon die actie voorkomen. ,,De burgemeester was beducht voor een rel'', zegt boer Willem tevreden. ,,In feite was het een geweldige promotie, want er was opeens veel aandacht voor de boerencamping.''

Voor de politie hoeven Mia en Paul Marks uit Etten-Leur nu niet meer bang te zijn. Tegenwoordig is het kamperen bij de boer op kleine campings met hooguit vijftien staanplaatsen toegestaan en volledig ingeburgerd. Van den Bergs boerencamping De Victorie bij Meerkerk is door de jaren heen gegroeid tot 35 plaatsen.

Mia (53) en Paul (52) – hij is kunststofbedrukkingsspecialist, zij huisvrouw – komen al zeventien jaar bij `boer Willem'. Toendertijd kwamen ze aan op de fiets met hun twee kinderen en een tentje. De laatste jaren komen ze met de auto en hebben ze al jaren een vaste seizoenplaats voor hun caravan met ruime voortent en vloerbedekking. Het zijn vooral de rust en de ruimte die hen steeds doen terugkeren, zeggen ze. Mia: ,,Hier komen eigenlijk alleen maar mensen die dat zoeken.''

Paul: ,,Soms raakt hier een gezin verzeild dat hier niet op zijn plaats is. De kinderen vervelen zich zonder disco en zwembad, de ouders missen een kantine en kampwinkel.''

Mia: ,,Die zie je dan ook niet meer terug.''

Steeds meer mensen, denkt boer Willem, raken uitgekeken op de `pretparkachtige campings' met allerlei attracties om de kinderen bezig te houden. Zo'n boerderij met zeventig melk- en slachtkoeien, paarden en pony's is voor kinderen veel spannender, vindt hij. Paul en Mia beamen dat volmondig. Hun twee nu volwassen kinderen, Sander (27) en Ingeborg (23), konden vroeger geen genoeg krijgen van het `boerderijgebeuren'.

Mia: ,,Ingeborg was steeds met de pony's in de weer.''

Paul: ,,Hoefjes uitkrabbelen en zo.''

Mia: ,,En Sander ging mee om de koeien te melken. Maar als een koe moet bevallen ga je zelf ook effe kijken.''

Paul: ,,Voor je het weet sta je aan een pootje te trekken.''

Mia: ,,Weet je nog die keizersnee? Dat was ook een bijzondere ervaring.''

Paul: ,,Als de hengst in aantocht is om de merries te dekken, dan staat de hele camping te kijken.''

Boer Willem moet vaak lachen om de stadse onwetendheid van zijn gasten. ,,Heeft het drie weken geregend, schijnt een dag de zon en zijn ze verbaasd dat de grond nat is. Of er komt een vrouwtje op naaldhakken de campingplaats bekijken.'' Maar als ze een paar keer zijn langs geweest, weten ze wel beter. Willem bedrijft naar eigen zeggen ,,een stukje ontwikkelingswerk in eigen achtertuin''. Zijn missie is de campinggasten bijbrengen dat recreatie en het boerenbedrijf geen tegenpolen zijn, maar heel goed samen kunnen gaan. ,,Je moet ze leren om respect te hebben voor natuur en milieu.''

Wat dat betreft is hij streng. Afwaswater moet worden opgevangen en mag niet de sloot in. ,,Als ik zie dat dat wel gebeurt is het inpakken en wegwezen. Dat komt voor, maar gelukkig heel weinig.''

Aan de andere kant moet ook de boer veranderen en is daarom niet elke boer geschikt als campingbeheerder, zegt boer Willem: ,,Als je gasten hebt, moet je die ook als gasten behandelen. Een koe geef je een klap op haar kont en ze geeft toch 's avonds weer een emmer melk. Kampeerders vergen een andere houding.''

Paul en Mia zijn heel tevreden over de aanpak van Boer Willem. Paul: ,,Hij is altijd in voor een geintje. Hij komt langs om een praatje te maken en kijkt of alles in orde is met de caravan als we er niet zijn.''

Veel campinggasten helpen mee op de boerderij. Boer Willem en zijn zoon kunnen zelfs af en toe op vakantie en laten dan met een gerust hart de boerderij over aan vertrouwde gasten. Mia: Onze overbuurvrouw gaat elke ochtend om half zes mee om te melken.

Paul: ,,Daar heb ik nou niets mee. Maar ik heb wel laatst de hele dag tot mijn middel in de sloot gestaan om alle waterplanten eruit te trekken. Als er iets te doen is, help je.''

Mia: ,,Je staat hier gewoon wat dichter bij de natuur. Dan besef je pas hoe verwend je thuis bent.''

Paul: ,,Het is ook hier veel chiquer geworden. Vroeger douchten we bij Willem op de deel. Nu zijn er warme douches.''

,,Een beetje luxe is tegenwoordig wel nodig, zegt Boer Willem later als hij trots de nieuwe washokken met warme douches laat zien. ,,Als mensen denken dat je op een boerencamping in de sloot moet poepen, komen ze niet.''

Dit is het vierde deel van een serie over tweede huisjes. Eerdere afleveringen verschenen op 26 en 29 juli en 2 augustus.