De coach van het supermarktteam

Aflevering 6: Waarin Gerard de loftrompet steekt over 'het super marktwezen' en schouderklopjes geeft aan het personeel.

Het is nu ongeveer een jaar geleden. Bedrijfsleider Gerard Romeijnders parkeerde na een drukke werkdag de auto voor zijn huis en wilde uitstappen. Maar zijn benen deden het niet en zijn hoofd tolde. Achteraf werd vastgesteld dat hij op dat moment tegen een coma aanzat en al geruime tijd zonder het te weten suikerziekte had.

De kleine man met de helderblauwe ogen blikt door de ruiten van het kantoor in de Supermarkt en schudt zijn hoofd als hij er over praat. 'Ik ben van de generatie van de dienstbaarheid. Ik was wel regelmatig doodmoe en soms duizelde het me, maar ik klaagde niet, zo ben ik niet opgevoed.'

Na zijn ziekteverlof van een paar maanden hervatte hij zijn werk voor enkele uren per week. Sinds een maand draait hij weer voltijds mee in het team van B.L.'ers, zoals de bedrijfsleiders worden genoemd.

'Na mijn herstel is mijn taak alleen nog maar ondersteunend. Dat was een grote aanpassing, want ik moest tweede viool gaan spelen. De eindverantwoordelijkheid kan ik niet meer dragen, dat zou te zwaar zijn, maar ik kan de anderen wel helpen met mijn ervaring en kennis.'

Die kennis groeit nog altijd, want net als iedereen in de supermarkt gaat Gerard nog naar school. 'Tijdens mijn ziekteverlof ben ik begonnen met de Hogere Management Cursus en ik heb dat diploma inmiddels op zak. Ik ben lyrisch van mijn vak, want het is constant aan het veranderen. Klanten zijn veeleisender dan vroeger en de druk op het personeel neemt toe. Dan moet je als B.L. de boel goed draaiende houden, je wilt toch de bmw onder de supermarkten blijven.'

Gerard Romeijnders begint bijna te doceren als hij over 'het supermarktwezen' praat. Hij verhaalt van het belang van juiste prijskaarten, consequente fifo (first-in-first-out: producten verkopen in de volgorde waarop ze zijn binnengekomen) en immer gevulde vakken. Zijn stem is zacht maar dwingend en hij leunt altijd vertrouwelijk over naar zijn gesprekspartner, alsof hij op het punt staat een uiterst precaire kwestie uit de doeken te doen.

'Kijk', fluistert hij tijdens een ronde door de winkel. 'Geen prijsaanduiding bij dat rek. De wereld vergaat niet, zul je denken, maar dan zeg ik op mijn beurt: het zijn de details die het grotere plaatje maken.' Hij loopt op de jongen af die naast het rek aan het werk is en spreekt hem zachtjes toe. De knul knikt ernstig, en Gerard knijpt hem even bemoedigend in de schouder. 'Dus dat ga jij onmiddellijk regelen, hè? Hartstikke goed, joh, prima, heel goed!'

'Je moet positief blijven, hè?', verklaart hij terwijl hij een display recht schuift en een verdwaald blik doperwten oppakt. 'Dat heb ik op de cursus geleerd: niet zeggen dat het een zooitje is, maar een voorstel tot verbetering doen. Een bedrijfsleider moet net als een coach zijn mensen motiveren, of hoe zeg je dat...enthousiasmeren.'

Gerard doet dat onder meer in zijn 'ochtendpraatje'. Vlak voor de deuren zich voor de klanten openen, spreekt hij het personeel via de microfoon van het omroepsysteem toe. Hij vat de vorige dag samen, maakt melding van onvolkomenheden en zegt hoe het vandaag beter kan. Hij herinnert een ieder eraan vriendelijk te zijn en er netjes uit te zien, jarigen krijgen een felicitatie en bij geboorten van personeelsbaby's volgt in for ma tie over geslacht en gewicht en de boodschap: 'Beschuit met muisjes in de kantine!'

Maar het is niet louter vrolijkheid wat de klok slaat. In zijn lange loopbaan heeft Gerard personeelsleden moeten ontslaan omdat ze hadden gestolen, zag hij een klant onder zijn handen sterven aan een hartaanval en kreeg hij klappen van een agressieve winkeldief. 'De tijden worden harder', verzucht Gerard tijdens een koffiepauze in het kantoor, 'maar ik ben niet bang. Op een cursus heb ik ooit de omo-methode geleerd.' Hij staat op, trekt zijn groene jasje recht en benadert een denkbeeldige dief. 'De O is van Opstappen, erop af gaan', en hij zet een stap naar voren. 'De M is van Meegaan, je bent méégaand: Zullen we dat artikel nu maar gewoon laten staan, meneer?' Dan keert Gerard zich om. 'De laatste O is dan van Omdraaien: Meneer, u gaat n£ de winkel uit. En zo los je dat dan zonder conflict op.'

Hij neemt weer plaats achter het bureau en tikt veelbetekenend op de stapel selectietests die sollicitanten vandaag hebben gemaakt. 'Ik wil mijn kennis graag delen. Die jonge mensen die we vandaag hebben aangenomen...daar kan ik nu al helemaal enthousiast van worden.' Hij bladert door de boekwerkjes met sommen, puzzels en invuloefeningen die ruimtelijk inzicht, geheugen en snelheid moeten meten. 'Iedereen die bij ons komt werken, van vakkenvuller tot broodbakker, maakt de test en krijgt een tweedaagse cursus. Ik denk weleens bij mezelf: als het geren en gevlieg op de werkvloer me te veel wordt, kan ik misschien cursusleider worden. Ik wil kennis overdragen, de bedrijfsfilosofie uitdragen. Ik wil, hoe heet het...enthousiasmeren.'

Volgende maand in Zeep: Hoe Max van Zutphen (15) zijn eerste schreden in het brood bakkersvak zet.