Grieks museum na verbouwing twee keer zo groot

Het Benaki-museum in Athene is heropend na een verbouwing die tien jaar heeft geduurd. De omvang is verdubbeld, de 45.000 getoonde voorwerpen uit de Griekse cultuur hebben de ruimte gekregen.

Al weer bijna een halve eeuw geleden, in de hete zomer van 1951 `deden' wij Athene – de eerste Nederlandse toeristen van na de burgeroorlog. Zowat alles hadden we gezien, en toen kwam ook het Benaki-museum nog aan de beurt. Erg veel herinner ik me er niet van, we zijn er waarschijnlijk niet zo lang geweest. Er waren toen al dingen uit alle tijdperken, maar wij moeten vooral naar de klederdracht hebben gekeken, de toonkamer, de snuisterijen uit recente eeuwen. Het was allemaal een beetje stoffig en verweerd. Ventilatoren, laat staan airconditioning, zullen hebben ontbroken.

In de rest van die eeuw ben ik er wel vaak langs gelopen, maar niet meer teruggekomen. De laatste tien jaar kon dat ook niet, want het museum was gesloten vanwege een rigoureuze uitbreiding, die 45 miljoen gulden heeft gekost. Onlangs is het, in tegenwoordigheid van de president van de republiek, feestelijk heropend en afgezien van het feit dat de bezoeker zich sommige voorwerpen natuurlijk nog herinnert, mag men wel van `onherkenbaar' spreken.

Aan de algemene opzet is vastgehouden. Het Benaki-museum gaf altijd al een doorsnee van de Griekse cultuur van alle tijden, van het neolithicum (het oudste voorwerp is van 6500 voor Chr.) tot de twintigste eeuw. De koopman Andonis Benakis die in 1926 zijn geboortestad Alexandrië verwisselde voor Athene, maakte van zijn fraaie neo-klassieke woonhuis in het centrum — compleet met karyatiden — in 1931 een museum waar zijn toen al omvangrijke verzameling werd tentoongesteld. Na zijn dood in 1954 is het arsenaal van het museum door talloze giften en donaties — die bijna dagelijks binnenkomen — meer dan verdubbeld.

Er zijn nu 45.000 kunstvoorwerpen, evenveel boeken en op de bovenverdiepingen talloze curiosa, zoals de Nobelprijzen van de dichters Seferis en Elytis, de Lenin-prijs van de dichter Ritsos, oorspronkelijke teksten en partituren en veel muziekinstrumenten. Ook de omvang van het museum zelf is de afgelopen tien jaar verdubbeld. Er is aan de achterkant, onzichtbaar vanaf de straat, een vleugel bij gekomen, er is een conferentiezaal aangebracht, een ruimte voor speciale tentoonstellingen, en als men de eerste twee verdiepingen heeft afgewerkt, is er nog een ruim restaurant en een terras met een verrassend mooi uitzicht.

Zelfs in dit vernieuwde museum was geen ruimte meer voor de collectie Chinees porselein, de verzameling kinderspelen en de uitgebreide islamitische collectie — waarvan veel te zien was op de recente islam-tentoonstellingen in de Amsterdamse Nieuwe Kerk — die nu op andere locaties zullen worden ondergebracht. Het Benaki-museum zal zich in de toekomst met vertakkingen over heel de hoofdstad uitstrekken. Wat men voor alles wilde vermijden is de indruk van opgeproptheid die zoveel musea van dit type uitstralen.

Nu door het herboren museum te lopen is een groot genoegen. Tot in de liften is marmer aangebracht. Er is ruimte voor de bezoekers én voor de dingen. Nog steeds is er een veelheid aan voorwerpen, maar nu staat elk stuk op zichzelf, duidelijk geselecteerd op schoonheid. ,,Het gaat ons niet om het oude — het verleden is geen waarde op zich'', zegt museumdirecteur Angelos Delivoriàs, die als sinds 1973 met het nieuwe concept van `decongestie' bezig is en een hevige strijd heeft moeten voeren om dit te verwezenlijken.

Herinnerde ik me iets van de vazen, die in 1951 dicht op elkaar stonden? Ik herkende er geen van, we hadden toen al zoveel vazen gezien in andere musea. Maar zoals ze nu staan opgesteld, dwingen ze je haast tot kijken. Dat geldt bijvoorbeeld voor een laat geometrisch amfoor, met een slang omgord, toegeschreven aan de `schilder van het Benaki-museum'. Misschien het enige wat men het museum kan verwijten is, dat er niet met spiegels is gewerkt.

Herboren zijn ook de ikonen, die concurrentie hebben van het naburige, eveneens gerestaureerde Byzantijnse Museum. Maar zoals ze hier zijn aangebracht, stralen ze stuk voor stuk een eigen soevereiniteit uit. Het allermooiste is die waarop Maria haar moeder Anna een bloem aanbiedt. Belichting en vooral de groene achtergrond zijn zo geraffineerd geïnstalleerd, dat je je afvraagt: mag dat wel met een ikoon? Zeer fraai ook zijn de talrijke ikonen van Kretenzische schilders uit hun laatste periode, voordat de Turkse verovering van 1669 velen deed vluchten naar de Ionische eilanden (Corfu, Zakynthos).

Voor anderen weer is de rijke verzameling oud-Egyptische, Romeinse en Byzantijnse sieraden het hoogtepunt. De schitterende collectie kostuums en Koptische weefsels en borduursels komt nu pas goed tot haar recht. Er is een tweede toonkamer bij gekomen uit het 18de-eeuwse Kozani en er is een overvloedige hoeveelheid romantische, 19de-eeuwse schilderijen en recente werken. Menige toerist reist de laatste tijd rechtstreeks door naar `zijn' eiland en slaat Athene over. Maar het Benaki-museum mag een aanleiding zijn, hier toch weer eens neer te strijken. Aanbevolen is de donderdag — het museum is dan tot middernacht open.

Benaki Museum, Vasilissis Sofias, hoek Koumbari 1, Athene.