De wilde frisheid van de nieuwe economie

Ik heb al eerder gezegd niet zo'n voorstander te zijn van de term nieuwe economie: nieuw, nieuwer, nieuwst, maar morgen alweer oud, wat koop je daarvoor? Voor zover het gaat om nieuwe met internet verbonden producten en diensten, kunnen we beter praten over interneteconomie, of desnoods e-business. Dan weten we ongeveer waar we het met elkaar over hebben. Bovendien zijn intussen de belangrijkste mythes van de nieuwe economie al weer doorgeprikt. De economie blijft in onze contreien weliswaar lustig doorgroeien, maar dit dreigt toch weer samen te gaan met stijging van prijzen (huizen, olie) en lonen en dus ook van de inflatie. Voor de dotcom-beurskoersen is the sky ook niet meer the limit. Een groot aantal ervan is de voorbije maanden 80 tot zelfs 95 procent van hun waarde kwijtgeraakt. Vandaar dat dotcommers zich weer meer moeten richten op de oude principes van de bedrijfsvoering.

Toch vrees ik dat we de komende tijd niet van die term nieuwe economie afkomen. Ze blijft immers een bijzondere aantrekkingskracht uitoefenen. Waarin zit die precies? Filosofen hebben daar een mooi woord voor: het `discours', in het Nederlands soms vertaald als `vertoog'. Kort gezegd: het discours over de nieuwe economie zelf is de belangrijkste toegevoegde waarde ervan. Het discours moet dan wel met een zekere opgewondenheid gebracht worden. Daarmee wordt een sfeer opgeroepen die we vooral niet mogen missen. Sterker, wie niet meedoet, geeft te kennen tot een hopeloze oude garde te horen die niet meer van deze tijd is. Omgekeerd lijkt het `oude jongeren' de gelegenheid te bieden aan te sluiten bij een internetgeneratie die ze waarschijnlijk nooit echt zullen begrijpen. Het positieve van dit alles is dat veel van de strategen en beleidsmakers die lange tijd de uitdagingen van de e-business en interneteconomie niet serieus namen, door deze sfeer doordrongen geraakt zijn van een noodzakelijke sense of urgency.

Een mooi voorbeeld van een dergelijke sfeerschepping is de discussiebijdrage `Uiteindelijk zal alles New Economy worden' van onze vorige minister van Economische Zaken, Hans Wijers, op de website van de Rabobank (www.rabobank.nl). Een kleine compilatie daaruit, in volgorde van het stuk: ,,Het is een Umwertung aller Werten. Er vindt een soort herschepping van de economie plaats. (...) De jongens met hun staarten en open hemden zijn vanuit hun garages tot in alle uithoeken van de economie doorgedrongen. Puur economisch kun je het herleiden tot internet, maar het gaat veel verder. (...) Wie zegt dat hij weet waar het heen gaat, liegt of is dom. (...) De grote bedrijven zullen niet overleven als ze niet in staat zijn om te herdefiniëren waar ze mee bezig zijn. Daarbij staan ze voor grote dilemma's. Driekwart jaar geleden was ik geneigd om te denken dat velen het zouden gaan verliezen. Nu zie je ze kantelen en zijn ze hun assets en hun gevestigde positie aan het uitnutten ten opzichte van succesvolle nieuwe spelers. De fusie van America Online en Time Warner is het begin. (...) Internet vergroot de transparantie en verlaagt de toegangsdrempels. De concurrentie kan plotseling uit elke hoek komen. (...) Over vijf jaar is er geen onderscheid meer tussen economy en new economy, maar alleen het onderscheid tussen succesvolle en niet-succesvolle bedrijven. Ondernemerschap en slagkracht bepalen de scheidslijn. Over tien jaar hebben we een nogal bloederig proces van corporate overleven achter de rug. (...) Op dit moment kan de wereld er al binnen een half uur anders uitzien. (...) Je krijgt heel andere business models en hele nieuwe combinaties. (...) We zijn met een revolutionaire, non-lineaire ontwikkeling bezig, waarvoor het verleden steeds minder aanknopingspunten biedt. (...) Natuurlijk kun je prachtige schema's bedenken, maar ik vind het leuk om te constateren dat niemand een zinnig woord kan zeggen over hoe het zal eindigen. Uiteindelijk weten we dat de New Economy de economie zal zijn. Wie daar dan geen deel vanuit maakt, hoort bij de Dead Economy.''

U begrijpt: de discussie dreigt over alles en niets te gaan. Want wat betekent dat, strikt gesproken, dat alles nieuwe economie wordt? Dat werkelijk alles ook verandert? Dat beweert Wijers niet, want hij zegt in de zin ervoor nog dat hij ook niet weet wat er precies gaat gebeuren. Het leuke is dat men van alles met veel stelligheid kan beweren en tegelijk zeggen dat elke toekomstvoorspelling nonsens is. Belangrijker dus dan de beoordeling van elke zin in zo'n tekst is de sfeer te begrijpen die ermee wordt opgeroepen. Het is, zoals deze auteurs geregeld zelf ook onderstrepen, een revolutionair discours. Alles wordt anders, wie zich daartegen verzet is contrarevolutionair en ondermijnt de (concurrentie-)kracht van zijn land of onderneming. Het is aanpassen of verzuipen. We weten niet hoe de revolutie er zal uitzien, ze zal misschien bloederig zijn (!), maar ze zal goed zijn. Robespierre en Lenin hadden er wel pap van gelust!

    • Dany Jacobs