Beurs betuigt spijt voor gedrag in oorlog

De Amsterdamse effectenbeurs heeft vanmorgen openlijk haar excuses aangeboden voor het gedrag van beurshandelaren tijdens de Tweede Wereldoorlog. In een advertentie in de dagbladen zegt de beurs spijt te hebben van haar handelwijze tijdens en na de bezetting.

De Vereniging van Effectenhandelaren, de rechtsvoorganger van de AEX, stelt in de advertentie dat haar houding in en na de oorlog onnodig extra leed heeft veroorzaakt bij joodse landgenoten. Daarbij doelt de vereniging onder meer op de betrokkenheid van de Amsterdamse beurs bij het verhandelen van de uit joods bezit afkomstige effecten.

,,Zij betuigt de joodse gemeenschap hierover haar uitdrukkelijke spijt en biedt haar verontschuldigingen aan. Daarbij is zij zich ervan bewust dat een verontschuldiging nimmer het leed kan wegnemen dat de joodse gemeenschap is aangedaan'', aldus de vereniging in de advertentie. Ook de AEX spreekt in de advertentie haar afkeuring uit over de wijze waarop de Vereniging van Effectenhandelaren zich tijdens en na de oorlog heeft gedragen.

De advertentie maakt deel uit van het akkoord dat de banken, de AEX en het Centraal Joods Overleg in juni hebben bereikt over de vergoedingen van de financiële schade in de Tweede Wereldoorlog. De partijen kwamen een bedrag van 314 miljoen gulden overeen. Samen met het bedrag van overheid en verzekeraars komt het totaal op 639 miljoen.

Oud-staatsraad J.M.Polak bepleit in het nieuwste nummer van het Nederlands Juristenblad een wettelijke regeling voor de verdeling van het bedrag. Het zou de basis moeten worden voor het werk van het onafhankelijk orgaan dat zich met de uitbetaling gaat bezighouden. De wet is volgens Polak ook nodig om joodse families die zich in de oorlog niet hebben laten registreren en van wie er in het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) dus geen gegevens liggen, toch toegang tot de regeling te bieden.