IOC zet vraagtekens bij opzet EPO-test

De directeur van de medische commissie van het Internationaal Olympisch Comité (IOC), Patrick Schamasch, heeft gewaarschuwd voor al te optimistische verwachtingen over een betrouwbare test die het verboden bloeddopingmiddel EPO kan aantonen. Schamasch schat de kans op vijftig procent dat voor de Olympische Spelen in Sydney een systeem beschikbaar zal zijn.

De medische commissie begon gisteren aan een tweedaagse bijeenkomst om door Australische en Franse wetenschappers ontwikkelde testen te onderzoeken. Met de systemen is het gebruik van bloeddoping op te sporen. ,,We hebben nog 43 dagen voor de Spelen'', zei Schamasch. ,,Voor wetenschappers kunnen 43 dagen genoeg zijn.''

Een panel van vijftien leden, onder wie prof dr. Jo Marx van het Universitair Medisch Centrum Utrecht, zal de testen bestuderen. Het Franse lab in Chatenay-Malabry heeft een methode ontwikkeld op grond van urine, de Australiërs met bloed. De twee testen zijn beide gepubliceerd in medische tijdschriften.

De Franse test zou aanvankelijk al tijdens de Tour de France toegepast worden, maar later werd besloten de test na afloop uit te voeren. De wielrenunie UCI was niet overtuigd van de validiteit van de nieuwe methode.

Schamasch: ,,We hebben het idee dat beide methodes te gebruiken zijn. De Australische methode als eerste en de Franse als bevestiging. Maar ik wil niet te veel verwachtingen wekken. We zullen moeten afwachten wat de beslissing over twee dagen zal zijn.''

Naar aanleiding van de uitkomst van de bijeenkomst van de medische commissie zal het uitvoerend orgaan van het IOC zich eind deze maand buigen over de wetenschappelijke en juridische consequenties. Het bestuur neemt uiteindelijk de definitieve beslissing over de invoering.