Internetgezant in krijtstreep

Het Verenigd Koninkrijk wil `de beste markt voor e-commerce ter wereld' worden. Het heeft een vrije telecommarkt, een `internetgezant' en ambitie. Maar er is veel werk te verzetten en het dossier stemt niet vrolijk.

Je zou niet zeggen dat Alex Allan een levenslange ambtenaar is. Zijn grijzende krullen zijn artistiekerig lang. Bij een treinstaking, in de Thatcher-jaren, ging hij per windsurfplank over de Theems naar zijn werk in Westminster, maar wel in krijtstreep. En zijn `persoonlijke website' is gewijd aan de cult-popgroep The Grateful Dead.

Het grensverleggende trekje van Allan ondersteunt zijn huidige missie. Na het ministerie van Financiën, vijf jaar als particulier secretaris van de premiers Major én Blair en twee jaar als ambassadeur in Australië, is hij sinds vorig jaar de hoogste regeringsadviseur op het gebied van informatie- en communicatietechnologie (ICT).

De e-envoy, de `internetgezant', zoals Allan (48) officieel heet, was vorige week op veldwerk in het armere oosten van Londen. Dasloos en op halfhoge laarsjes bezocht hij de stichting TS2K, die jongeren `internetvaardigheden' bijbrengt om ze te helpen bij het vinden van een baan in de `creatieve economie', van webdesign tot het leiden van een winkel op internet. ,,Ik praat veel met grote bedrijven en dat kan je beeld gemakkelijk verstoren', zegt Allan nadat hij een gemengde groep cursisten wat foefjes op het net heeft laten zien. ,,Hier kan ik zien wat mensen echt willen en doen. En ik wil ze ook aanmoedigen, niet alleen in de IT-industrie maar ook in lokale gemeenschappen.'

Welk meetbaar nut zijn bezoek voor de cursisten heeft, blijft die ochtend licht onzeker. ,,Tijdverspilling!', oordeelt Anan, een beginnend tv-producente. ,,Wie is die vent eigenlijk?'. Fiona O'Conor (30), die een website wil beginnen die theater en jeugdwerk combineert, oordeelt milder. ,,Het is in elk geval goed dat zo iemand hier komt', zegt ze. En Althea Bart (29), die een online-tijdschrift opzet voor reizen, mode en kunst: ,,Het is heel interessant wat Allan vertelt over kleine bedrijven op het net, maar als je weinig geld hebt, zoals ik, kun je die software voor e-commerce en beveiliging niet zomaar kopen. Hij heeft me zijn email-adres gegeven en ik ga hem nu achter zijn broek zitten voor praktisch advies.'

Het aanstormend talent van TS2K heeft zijn toekomst aan het net verpand, net als de dotcom-sector in het financiële centrum, de City. Voor veel andere Britten is het net in korte tijd vooral een vertrouwd stuk gereedschap geworden, zoiets als de telefoon. Het percentage Britten met internettoegang ligt lager dan bij `pioniers' als Zweden en Finland, maar met 26,6 procent van de bevolking (in 1999) ligt het Verenigd Koninkrijk aan kop van het peloton grote Europese landen, becijferde het agentschap Netprofit eerder dit jaar; tien procentpunt hoger dan Duitsland en zeventien punten hoger dan Frankrijk.

In 1999 kocht 34,8 procent van de Britten iets via internet, bij elkaar voor vijf miljard pond (17,5 miljard gulden). En niet alleen boeken of cd's, maar steeds vaker gewone boodschappen. Tesco, de grootste supermarktketen, heeft nu een kwart miljoen geregistreerde online-klanten. Het bedrijf heeft gezegd het aantal filialen dat via het web bestelde boodschappen thuis aflevert dit jaar uit te breiden tot 300. En nóg een gegeven, belangrijk voor de draadloze toekomst van het net: in 1999 had 43 procent van de Britten een mobiele telefoon, tegen 36, 25 en 40 voor respectievelijk Frankrijk, Duitsland en Spanje.

Bij die relatieve koppositie hoort bovenmodale ambitie. Het Verenigd Koninkrijk heeft de meest geliberaliseerde telecomsector van Europa. Volgens premier Blair, zelf nog maar kortgeleden een `digibeet', moet het ook ,,de beste e-commerce-markt ter wereld' worden, en wel per 2002. Er loopt een spoedprogramma om alle scholen aan te sluiten op een `nationaal kennis-netwerk'. En ook de overheid zelf moet het net beter leren gebruiken. In 2005 moeten alle overheidsdiensten online beschikbaar zijn, van belastingaangifte tot gemeentelijke parkeerboetes en het kadaster. En de overheid moet zijn eigen inkopen, 4 procent van het bruto binnenlands product, zelf óók via een elektronische markt gaan doen.

Blair probeert het voorbeeld te geven, in het klein en in het groot. Zo is de website van `10 Downingstreet' kortgeleden gemoderniseerd en wordt van daaruit een wekelijks radiopraatje door de premier uitgezonden. En zo geeft de regering nu al 8 miljard pond (28 miljard gulden) uit aan technologische moderniseringen. In de recent beloofde 50 miljard pond extra overheidsuitgaven tot 2004 is een deel gereserveerd voor nieuwe projecten om de `publieke dienstverlening' te verbeteren.

De aanbevelingen van de officiële verlanglijst, vorig jaar verschenen als e-commerce@its.best.uk, vallen grofweg in drie categorieën. Ten eerste het wegschaven van regels, fiscale barrières en de deelmonopolies van sommige telecommaatschappijen die zakendoen via het net nu onnodig omslachtig en duur maken. Ten tweede een revolutie bij de overheid, waar slechts eenderde van de departementen een website heeft, die bovendien zelden zijn ingericht voor interactie met burgers. En ten derde het bevorderen van netgebruik door alle sociale klassen en niet alleen door een groep bevoorrechten aan de veilige kant van de `digitale kloof'.

Allan moet erop toezien dat die aanbevelingen worden uitgevoerd. Zijn bezoek aan TS2K en zijn pogingen de regering ,,op te jutten' om zulke projecten te subsidiëren vallen in de laatste categorie. Maar ook zonder hem wordt de digitale kloof snel smaller, erkent hij.

Economische rugwind en enthousiasme bij de Leider ten spijt, er zijn nog veel barrières te overwinnen. En het dossier stemt niet vrolijk. Zo heeft een parlementscommissie voor de overheidsuitgaven vastgesteld dat de afgelopen tien jaar zeker 25 grootschalige IT-projecten volledig zijn mislukt, ernstig vertraagd, of niet de beloofde efficiency-winst opleverden.

De computerisering van de sociale verzekeringen werd een fiasco. De kapitale computer die paspoortaanvragen moet regelen zorgt er al twee jaar voor dat tienduizenden Britten niet buitenslands met vakantie kunnen. En vorige week liet de belastingdienst 5 miljoen dossiers elektronisch verdampen (hoerageroep).

Een deel van de Britten heeft überhaupt geen behoefte aan de IT-revolutie, zoals bejaarden op het platteland die hun dorpspostkantoor zien opgeheven en in plaats daarvan een cd-rom in de bus krijgen om te gaan telebankieren. Veel gewone Britten, misschien zelfs juist degenen met een internet-verbinding, zien nu ook de schaduwzijde. Want een overheid die elektronisch zakendoet met haar burgers weet ook steeds meer van ze. En in het privacy-bewuste Verenigd Koninkrijk, niet voor niets bakermat van Orwells Big Brother, raakt dat een gevoelige snaar. ,,Dat is een belangrijke zaak die we absoluut moeten behandelen', zegt Allan diplomatiek. ,,Burgers moeten een moderne overheid hun gegevens wel kunnen toevertrouwen.'

Dit is het achtste deel in een serie over het gebruik van internet. De eerdere delen verschenen op 1,4,8,11,12,22 en 25 juli.