Anti-Frans protest in Ivoorkust na oproep van Parijs

In Ivoorkust zijn gisteren felle protesten uitgebroken tegen Franse bemoeienis met de voormalige kolonie. Aanleiding daartoe zijn uitspraken van de Franse minister Charles Josselin eerder deze week, waarin hij de legerleiders die het land regeren, maande de ex-premier Alessane Dramane Ouattara niet uit te sluiten van de presidentsverkiezingen op 17 september.

De socialistische leider Laurent Gbagbo zei gisteren dat de uitspraken van Josselin in Ivoorkust worden gezien als ,,een belediging'' en leiden tot een anti-Frans gevoel bij de bevolking. In Abidjan, de grootste stad van Ivoorkust, verzamelden zich gisteren honderden woedende mensen die leuzen schreeuwden als ,,Nee tegen de betutteling. Ja tegen soevereiniteit.'' Een woordvoerder van de Democratische Partij van de in december afgezette premier Henri Konan Bédié, verklaarde dat ,,dit soort inmenging de kiem legt voor een nieuw Rwanda'' in Ivoorkust. Woensdag gaf juntaleider Robert Gueï Frankrijk al te verstaan ,,zich niet met Ivoorkust te bemoeien''. Josselin had ook gezegd Gueï geen geschikte kandidaat te vinden voor het presidentschap.

De Franse minster deed zijn uitspraken dinsdag, na het bekendworden van de uitslag van het referendum van afgelopen zondag. Daarin stemde 86 procent van de Ivorianen voor een nieuwe grondwet, die de terugkeer van de democratie in het West-Afrikaanse land moet voorbereiden. In de grondwet staat de omstreden bepaling dat geen van de ouders van presidentskandidaten van buitenlandse afkomst mogen zijn. Ouattara, die een internationale diplomatieke carrière maakte met een paspoort van buurland Burkina faso, is volgens zijn tegenstanders niet van zuiver Ivoriaanse afkomst. Hij heeft evenals alle andere partijleiders campagne gevoerd voor de nieuwe grondwet, om het herstel van de democratie in Ivoorkust te bespoedigen. Outtara is ervan overtuigd dat niets hem kan afhouden van zijn kandidatuur voor de presidentsverkiezingen.

Gisteren verboden de militaire leiders een personferentie, waarin hij zijn verkiezingsprogramma bekend wilde maken. De minister van Binnenlandse Zaken, kolonel Mouassi Grena, liet weten dat Ouattara in overtreding was, omdat de ,,[verkiezings-]tijd nog niet is aangebroken.'' 's Avonds werd het het Ouattara verboden naar het buitenland te reizen. De leider van de Rassemblement des Républicains (RDR) stond op het punt naar Frankrijk te vertrekken, toen hij te horen kreeg dat zijn autorisatie was ingetrokken. De dag ervoor had Gueï juist aangekondigd dat politieke leiders niet langer toestemming van de junta nodig hadden voor een buitenlandse reis. Hij had deze maatregel in mei ingesteld ,,om het goede verloop te garanderen'' van het constitutionele referendum van afgelopen weekeinde.