Amsterdam stelt vier locaties voor

De gemeente Amsterdam heeft vier locaties aangewezen in de stad waar het Nationaal Monument Slavernijverleden kan komen. Dit monument moet volgens de plannen volgend jaar, op 1 juli 2001 al gereed zijn en worden onthuld.

Maar of dat het geval zal zijn is nog de vraag: ,,Er bestaat een reële mogelijkheid dat het monument er op 1 juli 2001 nog niet is,'' zegt de Amsterdamse loco-burgemeester J. van der Aa, vandaag in een interview in het CS. Het is nog niet duidelijk hoe het ontwerp voor het monument er uit moet zien, en het is nog onbekend welke kunstenaar de opdracht krijgt. En waar het monument moet komen, is ook nog niet vastgesteld. Maar de gemeente Amsterdam heeft inmiddels vier plaatsen in de stad geselecteerd voor de plaatsing van het gedenkteken. Dat zijn het pleintje achter het West Indisch Huis aan de Haarlemmerstraat, de westpunt van het Java-eiland, het Beursplein aan het Damrak en het Oosterpark. De laatste twee locaties genieten de voorkeur van de gemeente. Een centrum voor onderzoek en expositie, dat ook deel uitmaakt van het monument, kan op die locaties eventueel worden ondergebracht in naastgelegen instellingen, respectievelijk de Beurs van Berlage en het Tropeninstituut.

Op 1 juli jongstleden ondertekende Van der Aa namens de gemeente Amsterdam een convenant met de rijksoverheid, vertegenwoordigd door minister Van Boxtel (Grote Steden- en Integratiebeleid) en staatssecretaris Van der Ploeg (Cultuur). In deze overeenkomst is de procedure voor de realisering van het gedenkteken vastgelegd, inclusief een tijdpad. Uiterlijk 1 september aanstaande moet bekend zijn op welke plaats in Amsterdam het monument zal komen. Als Amsterdam het tijdpad niet nakomt, kan de staat de overeenkomst opzeggen. Dat van der Aa denkt dat er `een reële mogelijkheid' is dat het monument er op 1 juli 2001 nog niet is, komt volgens hem onder meer door inspraakprocedures voor omwonenden. Die kunnen lang duren, en daardoor is het volgens hem onwaarschijnlijk dat het Nationaal Monument Slavernijverleden op 1 juli 2001 kan worden onthuld.

SLAVERNIJMONUMENT

pagina 19, CS