REACTOR CENTRUM 2

Met genoegen heb ik het interessante artikel gelezen in de wetenschapsbijlage van 15 juli over de (ontwikkeling van) de kernenergie in Nederland. Bij het hoofdstuk `Ultracentrifuge' kreeg ik de behoefte u op de hoogte te brengen van enkele bijzonderheden. Mijn werkzame leven begon ik als aankomend technisch medewerker bij het `Laboratorium voor Massaspectrografie'. De directeur daarvan, die mij destijds ook aannam als medewerker, was de bekende professor Jaap Kistemaker. Dat was eind 1959, uiterlijk begin 1960. Dit `Laboratorium voor Massaspectrografie' was (in ieder geval toen) een onderdeel van de Stichting `Fundamenteel Onderzoek der Materie' (FOM; deze stichting bestaat nog steeds). Er was wel samenwerking met het RCN maar dit was toch een andere club.

Toen ik in dienst kwam bij dit Laboratorium voor Massaspectrografie bestond daar al een proefopstelling voor de ontwikkeling van de ultracentrifuge. Dit laboratorium bevond zich niet in Duivendrecht, maar in een afgeschermd gedeelte van een fabriekshal van het Amsterdams Energiebedrijf (GEB) aan de Hoogte Kadijk te Amsterdam Oost, achter een onopvallende bruine stalen deur. De proefopstelling van de UC bevond zich in een kleine kelderruimte onder het lab. De ultracentrifuge werd hier ontwikkeld door een kleine wetenschappelijke staf van slechts een handvol medewerkers voor de theoretisch-wetenschappelijke kant van de zaak.

Op mechanisch/technisch gebied werd de ultracentrifuge ontwikkeld door en in samenwerking met technici van het nabij (voormalige Kattenburg) gevestigde Werkspoor. Dit bedrijf vervaardigde dus het trommelhuis, de magneetlagers, de rvs-trommels, etc.

Het Laboratorium voor Massaspectrografie bestond uit een stuk of dertig medewerkers, elektronici, natuurkundigen, hoogvacuümspecialisten, instrumentmakers, staf. Ik herinner me ook nog een forse elektromagneet van drie meter hoog die, als hij in werking was wanneer je de ruimte binnenkwam, je horloge verwoestte en de sleutels uit je broekzak viste (waarschijnlijk was het enorme stroomverbruik van deze magneet reden van de vestigingsplaats van het GEB).

Ook herinner ik me nog dat er door een fout van de medewerkers een keer een grote wolk radioactief Uraniumhexafluoride per ongeluk via de afzuiginstallatie de Hoogte Kadijk werd ingeblazen. Geheel overeenkomstig de geest van die tijd werd aan dit voorval in het geheel geen ruchtbaarheid gegeven.