Dopingbeschuldigingen directeur Mapei-ploeg

Giorgio Squinzi, de directeur van de Italiaanse wielerformatie Mapei, heeft zware beschuldigingen geuit tegen de toprenners in de Ronde van Frankrijk. De Italiaan stelt onomwonden dat het onmogelijk is om zonder bloeddope in de top-5 van een grote etappekoers als de Tour te eindigen.

,,Onze ploeg doet er niet aan mee, daarom zijn wij bij voorbaat kansloos. Ik weet dat dit harde beschuldigingen zijn, maar het is nu eenmaal de waarheid'', verklaarde de Italiaan. Squinzi gaf bij zijn uitlatingen namen noch bewijzen. ,,Onze beste renner zal misschien zevende worden in de Tour. Maar dat staat voor ons dan gelijk aan winnen.''

Ironisch genoeg beschuldigt Squinzi met deze beweringen indirect ook zijn eigen renners van doping. In de Ronde van Italië, eveneens een loodzware ronde, eindigden namelijk eerder dit jaar twee Mapeirenners in de top-5. Andrea Noe en Pavel Tonkov bezetten in het eindklassement respectievelijk de plaatsen vier en vijf.

In de Tour speelt Mapei dit jaar in het klassement geen rol van betekenis. Manuel Beltran is op de tiende plaats momenteel de best geklasseerde renner. Kopman Michele Bartoli is inmiddels afgestapt. Wel won de ploeg van de Nederlander Max van Heeswijk enkele etappes (Steels, Bettini).

Namens het Italiaans olympisch comité (CONI) sprak Sandro Donati openlijk zijn twijfels uit over het presteren van Marco Pantani. De Tour-winnaar van 1998 stapte deze week af. ,,Hij heeft ons door de pieken en dalen in zijn prestaties perplex laten staan'', zei Donati, lid van het wetenschappelijk comité van het CONI, voor een Romeinse radiozender. ,,Eén ding is zeker, de doping is nog niet uit de wielersport verdwenen.''