De Vries: Gedragscode ex-ministers is overbodig

Minister De Vries (Binnenlandse Zaken) vindt het niet nodig een gedragscode voor oud-bewindslieden op te stellen. Hij schrijft dit in een brief aan de ministerraad die morgen in het kabinet wordt behandeld.

De Tweede Kamer had in november vorig jaar om een gedragscode gevraagd, nadat NRC Handelsblad had bericht dat oud-staatssecretaris Gmelich Meijling (Defensie) advieswerk verricht voor een Israelisch defensiebedrijf dat meedingt naar een order die Gmelich op het departement zelf heeft voorbereid.

Minister De Vries stelt in zijn brief dat een gedragscode overbodig is. Oud-bewindslieden zijn gehouden aan een geheimhoudingsplicht. Op schending hiervan staan sancties die zijn vastgelegd in het Wetboek van Strafrecht. De Vries vindt het te ver gaan om bewindslieden na hun aftreden een tijdelijk verbod op te leggen zich bezig te houden met hun vroegere beleidsterrein. De minister stelt dat er in de praktijk geen problemen zijn met de activiteiten van ex-bewindslieden, zodat een beperkende overheidsmaatregel niet op zijn plaats is. De Kamer had gevraagd om een gedragscode voor voormalige ministers en staatssecretarissen die te vergelijken zou zijn met de regelgeving voor ex-ambtenaren. Voor hen geldt dat zij gedurende twee jaar na hun vertrek geen advieswerk mogen verrichten voor departementen waarvoor zij eerder hebben gewerkt. In de Kamer is teleurgesteld gereageerd op het voorstel geen gedragscode op te stellen. Een meerderheid van PvdA, CDA, D66, GroenLinks en de SP is voorstander van een dergelijke code. Na het zomerreces zullen de fracties hierover nadere vragen stellen aan De Vries.