Student kiest voor oude economie

Mag de nieuwe economie zich op de beurs in veel belangstelling verheugen, op de arbeidsmarkt is dat anders. De komende lichting economen en bedrijfskundigen kiest in ieder geval massaal voor de oude economie.

Dat is de uitkomst van arbeidsmarktonderzoek van AIESEC, een internationale organisatie voor studenten economie, bedrijfskunde en verwante studies. Ze ondervroeg voor de jaarlijkse AIESEC-monitor ruim duizend Nederlandse studenten die binnen twee jaar afstuderen naar hun voorkeuren en criteria bij het zoeken naar een baan.

De veelbesproken opmars van de nieuwe economie laat de nieuwkomers op de arbeidsmarkt koud. ,,De studenten blijken eerder behoudend en traditioneel als het gaat om de keuze van favoriete werkgevers en werkomgevingen'', constateren de onderzoekers. Niet een grote onderneming in informatietechnologie of een spectaculaire beginner is als potentiële werkgever favoriet, maar ,,het oerdegelijke Unilever''.

Het Brits-Nederlandse levensmiddelenconcern wordt op afstand gevolgd door Nederlandse multinationals als ING Groep, ABN Amro en Heineken. KLM blijkt een hoop krediet bij de studenten te hebben verspeeld. De kwakkelende luchtvaartmaatschappij raakte overtuigend de koppositie kwijt die ze in voorgaande jaren innam.

Opvallend is de populariteit van organisatieadviesbureaus; vier ervan staan in de toptien van favoriete bedrijven. Vooral KPMG scoort goed. Inmiddels heeft het bedrijf een zevende plaats in die rangschikking bereikt, terwijl de meeste studenten het als eerste voorkeur voor een sollicitatie noemen.

Onder de werkgevers die geen interesse wekken bij de potentiële sollicitanten scoren non-profitinstellingen hoog. Foster Parents krijgt het meeste moeite om verse bedrijfskundigen en economen aan te trekken. Het Rode Kruis en Amnesty International nemen op dit lijstje een derde en vierde plaats in. Zij weten Baan Company nog voor zich.

Een eigen bedrijfje beginnen is voor de meeste studenten niet aanlokkelijk. Ruim een derde denkt er niet over, 43 procent zegt het `misschien' te willen, slechts 22 procent voelt zich ertoe aangetrokken. Hoewel de aantrekkingskracht van het midden- en kleinbedrijf toeneemt, is werken in een groot bedrijf nog steeds favoriet.