Wilde winkeldochters

Twee lezeressen van midden dertig bezitten ieder een spaarbankboekje waarop circa 150 duizend gulden staat. Een appeltje voor de dorst, dat ze met hard werken en sober leven bijeen sprokkelden. Maar: beide dames zijn besmet met het beursvirus. Daardoor zien ze sparen als het domweg mislopen van een hoger rendement, niet meer van deze tijd, en aandelen en opties als eigentijds. Dat schreven ze vorig jaar juli. Om de dames tegemoet te komen stond toen in deze rubriek de volgende suggestie.

Houd 50 duizend gulden achter de hand als noodreserve. Leg van de resterende 100 duizend, 50 duizend opzij voor het moment dat goede bedrijven flink in koers dalen en goedkoop zijn. De andere 50 duizend gulden (22.689 euro) gaat gelijkelijk in drie sterke winkeldochters. Dat zijn aandelen die het tijdelijk minder goed doen. Koop bijvoorbeeld 200 aandelen Akzo (koers toen 42,20 euro), 200 Elsevier (12,10 euro) en 200 ING (51,10 euro). Op deze fondsen worden veel meerjarige call- en put-opties verhandeld. Die bieden actieve beleggers interessante combinaties met aandelen. Hoe gaat het nu, bijna een jaar later, met de achterblijvers van de dames?

Dezer dagen doet Akzo circa 42,50 euro (juli 1999: 42,20), Elsevier 11,75 (12,10) en ING 66,50 (51,10). De waarde van het mandje aandelen bedraagt dus 24.150 euro, op een investering van 21.080 euro. In krap een jaar een onbelast rendement van 14 procent, zonder rekening te houden met betaalde kosten en ontvangen dividenden. Een mooie opbrengst, dankzij ING, maar er zit achteraf gezien meer in.

Een actieve belegger had deze strategie kunnen volgen: verkoop bij ongeveer 20 procent winst. En bij verlies? Je kan redeneren dat het hier om achterblijvers gaat, waarbij al een flink verlies in de koers is verrekend. Deze werkwijze pakte in de praktijk zo uit.

Akzo noteerde eind december een (tussentijdse) top van 52,40 euro na een daling tot 36,18 euro, een plus van 24 procent vergeleken bij de aankoopkoers van 42,20. De 200 Akzo's waren er dus op bijvoorbeeld 51 euro uitgegaan. Een winst van 1.760 euro.

Elsevier deed een zwaar beroep op de gemoedsrust. Eerst een daling van 25 procent tot een dieptepunt van 8,88 euro in oktober vorig jaar, gevolg door een herrijzenis van 80 procent tot een top van 16 euro op 24 februari 2000. Het pakket Elsevier was er uitgegaan op zeg 15 euro. Een winst van 580 euro.

Het aandeel ING daalde eerst 15 procent tot 44,35 euro in augustus vorig jaar en loopt nu alsmaar op. ING was deze maand mogelijk op 62 euro verkocht. Een winst van 1090 euro. Daarmee zijn alle wilde winkeldochters verkocht.

De totale winst komt op 3.430 euro, of een rendement van circa 16 procent. In contant geld, tegen het voornoemde papieren rendement van 14 procent als je geen aandelen verkoopt. Welke conclusies kan je uit dit voorbeeld trekken?

Om deze strategie voordelig af te ronden, moet je bij de opzet gebruik maken van een negatief sentiment op de beurs. De aandelen Akzo, Elsevier en ING waren in juli 1999 om verschillende redenen uit de gratie, hoewel er aan die bedrijven zelf niets mankeerde. De fluctuaties in de koersen, zeggen niet altijd iets over een bedrijf. Of: de beurs weerspiegelt door zijn sentimenten en commerciële drijfveren niet nauwkeurig de werkelijkheid. Verder moet je strikte grenzen stellen aan je verlies en winst en daar naar handelen, anders blijf/moet je iedere dag de beurs volgen. Wat sommige mensen overigens graag doen. Door te verkopen krijg je geld in handen en daar wil een belegger iets mee doen. Door niet te verkopen, omzeil je die lastige keuze.

Tot nu toe komen er geen opties in het verhaal voor, wat de dames wél willen. Het schrijven (of verlenen) van kortlopende of meerjarige call-opties biedt hen een alternatief voor het verkopen van de aandelen bij het naderen van de 20 procent-grens. Tijdens zo'n rit naar boven zijn ook de call-opties gewild (bij kopers), wat de schrijver (verlener) als tegenpartij van een koper meer geld oplevert. Een goede timing derhalve. Optimisten kiezen voor een optie-uitoefenprijs boven de lopende beurskoers. Pessimisten gaan onder die koers zitten. Wat leveren enkele ING-opties op?

De call oktober 2002 (looptijd dik twee jaar) met uitoefenprijs 68,06 euro (aandeel 66,40) een 1.000 euro per optiecontract op 100 aandelen. Ofwel een extra onbelast rendement van bijna 20 procent over de optielooptijd, vergeleken bij de aankoopkoers van 51,10 euro. Je bent mogelijk verplicht de 200 ING te verkopen op 68,06 euro, de uitoefenprijs. Maar dat is geen ramp.

Wie niet meer gelooft in een hogere ING koers, schrijve op de uitoefenprijs van 56,72 euro, wat 1.630 euro per contract oplevert en een verkoopplicht op 56,72 euro. Met aandelen en opties kan je allerlei schaakspelletjes spelen.