Kamerdebatten: vooral goedbedoelde plannen

De Kamercommissies voor Sociale Zaken en Volksgezondheid debatteerden over het beleid. Lastig, zonder cijfermateriaal.

Minister Vermeend (Sociale Zaken) wil langdurig werklozen beter aan het werk helpen. Hij gaat met de sociale partners een mogelijke aanpak van de werkloosheid bespreken. En hij is ook van plan het arbeidsmarktbeleid nog eens goed door te lichten.

Veel goedbedoelde plannen, maar weinig beschouwingen over resultaten: dat was de teneur tijdens de eerste twee debatten over een nieuwe manier van controleren van de regering, afgelopen woensdag. De debatten volgen op de `derde woensdag in mei', toen de Tweede Kamer voor het eerst de Dag van de Verantwoording hield. De Kamer kreeg toen de jaarverslagen van alle ministeries, met daarin naast een financiële verantwoording ook een antwoord op de vraag of het beleid resultaat had gehad. Maar de eerste jaarverslagen-nieuwe-stijl, gecontroleerd door de Algemene Rekenkamer, vielen tegen.

`Een leuk beginnetje' (Kamerlid Bijleveld, CDA) was bij de commissievergadering met de bewindslieden van Sociale Zaken nog de meest positieve uitspraak. Vermeend moest dan ook toegeven dat hij op de meeste vragen geen antwoord had kunnen geven. Hoeveel langdurig werklozen zijn vorig jaar aan het werk geholpen, hoe werkt de bestrijding van fraude met uitkeringen, hoe pakt de Wet Reïntegratie Arbeidsgehandicapten uit? Het ministerie wist er door afhankelijkheid van gemeenten, uitvoeringsinstellingen en arbeidsbureaus het antwoord niet op. En het materiaal dat de Kamerleden wél hadden gekregen was te ingewikkeld en te laat gekomen. Vrijwel niemand had alle rapporten en stukken gelezen.

Bij gebrek aan goede cijfers om terug te kijken, werd het debat over de Dag van de Verantwoording een `gewoon' debat over een reeks van onderwerpen. Zo kondigde Vermeend aan dat de zogeheten sluitende aanpak ook voor langdurig werklozen moet gaan gelden: net als andere werklozen moeten zij snel werk of scholing krijgen aangeboden. De minister is met gemeenten in overleg om hier afspraken over te maken. Tegelijk beloofde hij volgend jaar, bij de tweede Dag van de Verantwoording, beter materiaal aan te leveren.

Minister Borst (Volksgezondheid) en staatssecretaris Vliegenthart (Welzijn) waren eerder op de dag minder optimistisch dan hun collega's van Sociale Zaken. Volgens hen zal het nog enkele jaren duren voordat er zicht is op wat de zorgsector precies heeft gedaan met de ruim zeventig miljard gulden die daar jaarlijks in omgaat. Tot dusver verschijnt in september een globale verantwoording, ingepakt in een nota met de plannen voor het volgende jaar. Een meerderheid in de Kamer wenste dat Borst en Vliegenthart volgend jaar mei met een jaarrekening van de gezondheidszorg komen. Maar volgens de minister was dat onmogelijk: de sector telt duizenden private organisaties, die hun informatie via een groot aantal controlerende intermediairs aanleveren.

De inhoudelijke discussie beperkte zich dan ook tot wat de bewindslieden wél op tafel hadden liggen: het jaarverslag over de rijksbegroting (zo'n twaalf miljard) en een overzicht van de stand van zaken bij de meerjarenafspraken die met de sector zijn gemaakt. Volgens sommige fracties leverde dit al zoveel papier op dat ze `verdrinken in de details' en `het zicht op de hoofdlijnen kwijt raken'. Ze staken de hand in eigen boezem: ,,We stapelen vraag op vraag, instrument op instrument, zonder enige zekerheid dat het er beter op wordt. We vragen en krijgen zoveel informatie dat we het zicht op wat belangrijk is verliezen'', aldus het Kamerlid Van der Vlies (SGP).