Prille topman, nieuwe agenda, oude Centurion

Nieuwe baas, nieuwe schok. ABN Amro topman Groenink wil de bank reorganiseren. De erfenis van Philips' Timmer leeft: de nieuwe voorzitter heeft een Centurion achter de hand.

Binnenkomen met een zelf gekozen schok en weggaan met een zelfontworpen standbeeld. De stiekeme wens van elke topman in het bedrijfsleven? Op zijn laatste werkdag bij ING kondigde voorzitter G. van der Lugt eerder deze maand de lang verwachte miljardenovername in de Verenigde Staten aan. Het tijdstip was toeval, zei hij zelf.

R. Groenink is officieel nog geen maand bestuursvoorzitter van ABN Amro, of de grootste herschikking van de bank sinds de fusie in 1991 rolt van stapel. De Europese divisie wordt uit het organogram geschrapt, en twee buitenlanders worden naar de raad van bestuur gepromoveerd.

Overnames laten zich moeilijk in het keurslijf dwingen van een pensionering, maar met de deur in huis vallen is in het Nederlandse bedrijfsleven eerder regel dan uitzondering geworden. Nieuwe topman, nieuwe reorganisatie. Of nieuwe strategie. Of eindelijk die superovername.

Consensus mag de traditionele bestuurlijke cultuur zijn in Nederland, de primus inter pares wordt steeds duidelijker de voorzitter, de gangmaker. Hij verdient meer dan zijn collega`s, hij is het boegbeeld in de media en tegenover de financiële analisten en professionele beleggers. Hij is de sterke man. Desnoods de beul, maar bovenal Der Macher.

H. Scheffer zat vorig jaar nog maar nauwelijks bij industrieel en handelsconglomeraat Internatio-Müller en hij smeedde al de plannen die deze maand tot een verrassend fusieplan met conglomeraat Stork leidden. H. Smits zat net op de stoel van de voorzitter van de hoofddirectie van de Rabobank toen hij de zakenbank reorganiseerde en echte actie ondernam om de Europese strategie in de praktijk te brengen. Bestuursvoorzitter A. Land van handelshuis Hagemeyer had nog naar nauwelijks afscheid genomen, of opvolger R. ter Haar gooide vorig jaar de strategie radicaal om.

En dan is er de moeder aller binnenkomers: J. Timmers operatie Centurion in 1990 om Philips te redden en het vervolg daarop, toen opvolger C. Boonstra in 1996 ook een deel van Timmers erfenis alsnog ongedaan maakte. Rap daarop vertrok de redder van Philips, toen Boonstra hem ook niet als nieuwe president-commissaris wilde hebben. Typerende actie: tref een omvangrijke reorganisatievoorziening die een dramatische winstdaling veroorzaakt. Daarna is de weg bergopwaarts sneller zichtbaar.

Zoals koningen en keizers na hun kroning hun hoofd op nieuwe munten laten zetten, zo willen nieuwe topmannen direct hun stempel zetten op hun bedrijf. Iedereen moet maar weten wie de nieuwe baas is. Zij riskeren bewust een vertrouwensbreuk met het verleden: niet alleen met het verleden van hun voorganger, maar ook met hun eigen verleden.

Boonstra zat zich kennelijk enkele jaren te verbijten als gewoon lid van de groepsraad toen Timmer nog nieuwe investeringen in bijvoorbeeld de kabelbedrijven deed die Boonstra later weer zou verkopen. Groenink was kennelijk niet in staat om als lid van het ABN Amro collectief de bank een injectie van slagvaardigheid te geven.

De ware nieuwkomer, zoals Scheffer bij Internatio, heeft zijn voordelen. Hij kan zonder ballast uit het verleden nieuwe keuzes maken. De puinruimer in financiële tegenspoed heeft automatisch de wind mee: pompen of verzuipen, om het op zijn Hollands te zeggen.

Het gemak waarmee ferme veranderingen worden aangekondigd is een strategie vol valkuilen. Wie slechts hoog van de toren blaast, maar niet rap wat klaar maakt schept een nieuwe vertrouwenskloof. N. FitzGerald kwam ruim drie jaar geleden met de nodige publicitaire bombarie binnen bij Unilever, maar lijkt pas sinds de komst van collega A. Burgmans vorig jaar tastbare resultaten te boeken. Boonstra's wittebroodsjaar werd gekenmerkt door gemiste rendementscriteria.

Wie voor de troep uit wil lopen riskeert zelfs zijn baan. De opvolger van oprichtster S. Tóth van uitzendbureau Content sneefde na een reorganisatieplan op een conflict met zijn voorgangster, die commissaris was geworden.

C. van Kempen van uitgever Wolters Kluwer stond, een paar maanden na zijn aantreden, een grootscheeps investeringsprogramma in internet-activiteiten voor ogen. Zijn collega's weigerden. Van Kempen vertrok in maart.