Column

Supporter

Omdat het woei, ging alleen het volleyballen door. Geen Spa-regatta, geen wielrennen, geen honkbal en zelfs het kunstgrashockey werd afgelast. Sterker nog: het Wagenerstadion werd op last van de politie ontruimd. Drieduizend kakkers onder van die grote, gekleurde, gekregen golfparaplu's met bedrijfslogo, verlieten zacht mompelend het Amsterdamse Bos. Sensatie!

Ik keek naar buiten, zag de striemregen, schoof een stukje Mozart in de cd-speler en begaf me in de NRC van zaterdag. Om precies te zijn: het Nina Brink-interview. Ik merkte al gauw dat ik te dom was om een echte oplichter te worden. Begreep wel ongeveer wat er allemaal gebeurd was. Het bank- en advocatengajes belt, mailt en faxt met elkaar, zit naast elkaar in vliegtuigen, schroeft prospectusjes in elkaar, balanceert op het randje en is eigenlijk maar met één ding bezig: `cashen'. Nina was er, na zoveel jaren keihard werken, aan toe. De Martelares van Brasschaat heeft op een gegeven moment gewoon tweehonderd miljoen laten schieten. Hoeveel? Tweehonderd miljoen! En een groot deel van deze nette onderwereld komt samen in het Wagenerstadion, staat in het superluxe promodorp een broodje zalm weg te happen en wat sushi's te slikken. Stuk voor stuk keurige mensen!

`Gezondheid Jan Hein!'

`Van de frisse Pébé.'

Ik keek naar buiten, zag de zwiepende bomen en dacht heel even: waarom laat God nou niet zo'n wind dat dat hele Champions Trophy Promodorp niet alleen wordt weggeblazen, maar ook wordt getroffen door zestien bejaarde beuken? Het hele dorp, inclusief de Dorpstraat en vooral de Brink! Een slachtofferloze ramp, maar wel hun hele feestweek naar de Filistijnen. Maar dat gebeurt niet. God mikt op volkswijken in Enschede, op hongerlanden in de zinderende zon en modderpoeltjes in Bangladesh. Vanavond staan ze er allemaal weer, na een dagje legaal oplichten en juridisch balanceren.

`Santjes Kees Karel'.

`Op Nina.'