SPELBEPALER VAN UITSTERVEND RAS

In de herfst van een lange carrière vertoont Georghe Hagi (35) zijn kunsten op het EK. Zaterdag maakte het publiek in de Arena kennis met de Roemeense tovenaar. Hij strooide met listige passes en wilde armgebaren. De laatste echte nummer tien.

In een veld met 21 hardlopers hobbelt hij als een zoutzak over de groene zoden. Met de handen in de zij bekijkt hij het strijdgewoel van gepaste afstand. Na het zoveelste misverstand tussen zijn Roemeense medespelers steekt hij de armen theatraal in de lucht. De meeste arbitrale beslissingen beantwoordt hij met een wegwerpgebaar. Na een opstootje met Bergkamp krijgt hij een gele kaart. Witheet doet hij zijn beklag bij de grensrechter, die toch ook gezien moet hebben dat hij in zijn oog is geraakt. Tot zover de spelbederver Georghe Hagi.

Op gepaste afstand van de Nederlandse en Roemeense renpaarden begeeft hij zich in de buurt van beide zijlijnen. Het eerste kwartier op links, het tweede kwartier op rechts, enzovoorts. De mierenhoop in de buurt van de middencirkel is niet aan hem besteed. Hij krijgt de bal bij voorkeur aangespeeld in de linkervoet en maakt vervolgens een geniale actie, die niet altijd begrepen wordt door zijn ploeggenoten en daardoor nog wel eens in schoonheid sterft. Tot zover de spelverdeler Georghe Hagi.

Na afloop van de oefeninterland heeft hij de norse blik ingeruild voor een vriendelijke oogopslag. Hij neemt uitgebreid de tijd voor de Nederlandse en Engelse vragenstellers, die hun adoratie voor de Roemeense tovenaar zonder beroepsdeformatie laten blijken. Hij is verguld door de loftuitingen en houdt een pleidooi voor de ouderwetse nummer tien: de aanvallende middenvelder die het spel verdeelt en geen verdedigend klusjes hoeft op te knappen. ,,De nummer tien moet terugkeren'', zegt hij in goed verstaanbaar Engels. ,,Bergkamp en Zidane dragen ook nummer tien. Het voetbal kan niet zonder nummer tien'', zegt hij met een twinkeling in de donkerbruine ogen.

Maar toch. Wie Bergkamp gadeslaat tegen Roemenië, ziet geen spelverdeler van het type Hagi. De Roemeen laat de bal het werk doen en legt zo min mogelijk meters af. De Nederlander speelt meer in dienst van het elftal. Hij zou niet anders willen. ,,Ik houd meer van teamspelers. Ik zou het niet accepteren wanneer de andere jongens voor mij het vuile werk moeten opknappen. Zo zit mijn karakter niet in elkaar'', zegt Bergkamp na afloop.

Hij toont respect voor Hagi en roemt diens spelinzicht en traptechniek. Maar Bergkamp heeft weinig begrip voor de Roemeense ploeggenoten die zich schijnbaar zonder dralen in de rol van aangever schikken. ,,Hagi loopt het halve veld over om een vrije trap twee meter naar links of naar rechts te schieten. Alsof de anderen dat niet zouden kunnen! En wat gebeurt er, als hij zijn dag niet heeft of geblesseerd is. Dan hebben de anderen een probleem. Wij spelen vanuit een systeem. Daardoor zijn wij moeilijker te verdedigen'', meent Bergkamp.

Maar toch. Wie Hagi gadeslaat tegen Nederland, krijgt geen genoeg van zijn listige passes en zijn intelligente oplossingen. Hij streelt de bal met zijn linkervoet en gebruikt zijn rechtervoet als evenwichtsbalk. Heel sporadisch heeft hij met zijn `verkeerde been' een doelpunt gemaakt, zoals op het WK in 1994 tegen Argentinië. Een paar dagen eerder had hij de voetbalwereld versteld doen staan met een wonderbaarlijke `zwabberbal' tegen Colombia. Met links.

In de Arena blijft het deze avond bij een aantal subtiele penseelstreken. Zijn 122ste interland gaat vrijwel onopgemerkt de boeken in. In de herfst van een imposante voetballoopbaan maakt hij volgende maand een laatste ereronde door de lage landen. Hij neemt in augustus officieel afscheid van het nationale elftal en twijfelt aan zijn toekomst als clubspeler. Na Sportul Studentesc, Steau Boekarest, Real Madrid, Brescia en Barcelona speelt hij nu voor het Turkse Galatasaray. Wie zijn veelbetekenende glimlach in de Arena nader bestudeert, komt tot de conclusie dat hij de strijdbijl nog lang niet heeft begraven. ,,Over twee jaar word ik bondscoach'', zegt Hagi desgevraagd.

Met Galatasaray won hij twee weken geleden de UEFA Cup. In de finale tegen Arsenal kreeg hij een rode kaart, na een duw in de rug van de Engelsman Adams. ,,Hij is een latino'', verklaart een Roemeense journalist het opgewonden standje. ,,Hagi heeft Macedonisch bloed in de aderen. Hij is een boerenzoon die weet wat armoede is. Hagi for president, stond er op de spandoeken in het stadion van Boekarest. Hij was vroeger bevriend met de familie Ceausescu, maar dat is iedereen al lang weer vergeten. Hij werd misbruikt, omdat hij zo goed kon voetballen'', meent de Roemeense journalist.

Hagi is opgegroeid in Constanta, een kustplaats aan de Zwarte Zee. Wegens zijn uitzonderlijke talent kreeg de `economiestudent' reeds op vijftienjarige leeftijd een veredeld profcontract aangeboden. In de tijd van het communisme was hij staatsamateur, met alle privileges van dien. Hij genoot vrijheden waarvan zijn landgenoten alleen maar konden dromen. Zolang hij maar in het gareel liep van de familie Ceausescu. Hij was het boegbeeld van de oligarchie.

Op zeventienjarige leeftijd werd hij verhuurd aan de legerclub Steau, waar Valentin Ceausescu de scepter zwaaide. De zoon van de Roemeense dictator Nicolae Ceausescu oefende veel macht uit. Met als gevolg dat de huurovereenkomst met Sportul Studentesc in de prullenbak verdween en dat Hagi's overgang naar het Griekse Panathinaikos op het laatste moment kon worden afgeblazen. Met als gevolg dat alle wedstrijden van Steau werden omgekocht.

Pas toen de familie Ceausescu van het politieke toneel was verdreven, kon Hagi in 1990 zijn voetbalkunsten in het buitenland vertonen. In de Spaanse en Italiaanse competities bleek hij minder dominant dan verwacht. Hij miste mentale weerbaarheid, als gevolg van bovengenoemde privileges. Bij Real en Barcelona kreeg hij niet de voorkeursbehandeling die hij in Roemenië heeft afgedwongen. Hij werd ook feller op de huid gezeten en kreeg minder speelruimte dan hij gewend was. Hij werd ook het slachtoffer van de nivellering in de voetbalsport. Vermeende luiheid wordt minder op prijs gesteld.

Alleen in het gele shirt van Roemenië maakt Hagi zijn bijnaam `Maradona van de Karpaten' bijna altijd waar. Dan komen zijn eerzucht en zijn vaderlandsliefde bovendrijven. In de Arena drukt hij als enige Roemeense speler de hand op de borst, wanneer het volkslied wordt gespeeld. Tijdens het WK in de Verenigde Staten verwoordde hij zijn patriottische gevoelens in een vraaggesprek met de Los Angeles Times. ,,Voetbal is in Roemenië het ventiel van het leven. Daar bepaalt mijn spel de kwaliteit van het leven.''

In hetzelfde gesprek gaf hij tekst en uitleg over zijn vermeende luiheid. ,,Ik ben blij met de Hagi die ik ben. Met andere kwaliteiten had ik dit niveau niet bereikt. Als je mij de ballen laat afpakken, zie je niet de beste Hagi'', sprak hij in 1994. Intussen zijn de haren grijzer en de spieren strammer. Gebleven zijn de uitgelokte vrije trappen en de balaannames met de borst, waarop hij net als Maradona een patent heeft. ,,Ik ben trots op mijn bijnaam'', zei Hagi meermalen.

Hij overleefde acht bondscoaches sinds zijn interlanddebuut in 1983. Hij was een paar maanden geleden nog verantwoordelijk voor het ontslag van Piturca. Deze bondscoach noemde tijdens een tv-uitzending in aanwezigheid van Hagi diens rentree niet van doorslaggevende betekenis voor de opleving van het nationale elftal. De ongelukkige uitspraak leidde tot volkswoede. Piturca werd op advies van Hagi vervangen door Jenei, die al eerder bondscoach was.

Veel is er onder de nieuwe leiding overigens niet veranderd. Met een hechte defensie en een paar spaarzame uitvallen ontregelt Roemenië de tegenstander. Dit alles onder leiding van de oude maestro, die aan het eind van deze avond zijn toehoorders het geheim van de theatrale woede uit de doeken doet. ,,Bergkamp deed niks. Ik deed net alsof hij me had geraakt. Dat is voetbal'', zegt Georghe Hagi.

    • Jaap Bloembergen