Studentenprotest op virtueel kerkhof

De moord op een student heeft in Peking geleid tot onrust op de universiteit. Zo begon in 1989 ook het grote studentenprotest.

Ruim drieduizend studenten van de Peking Universiteit verzamelden zich deze week ter nagedachtenis van een vorige week verkrachte en vermoorde medestudent. Goedkeuring van die bijeenkomst door het bestuur van de universiteit was de belangrijkste eis van zo'n 1500 studenten die afgelopen week op de campus het grootste protest hebben gehouden sinds de bloedig neergeslagen demonstraties in 1989.

De universiteitsautoriteiten waren aanvankelijk tegen een herdenking omdat de moord volgens hen niets met de universiteit van doen had. Het lichaam van de 19-jarige bestuurskunde studente Qiu Qingfeng werd buiten de campus aangetroffen, op weg naar een dependance van de universiteit. Medestudenten organiseerden zich spontaan omdat zij vinden dat het vervoer van de hoofdcampus naar de universiteitsgebied vijftig kilometer verderop slecht is geregeld.

De emoties van de studenten liepen snel hoog op. Op het belangrijkste openbare prikbord in het hart van de campus eisten de anonieme auteurs van getypte petities het aftreden van de minister van Openbare Veiligheid en van politiechef van Peking. Zij beschuldigden de Chinese autorteiten van nalatigheid. ,,We kunnen ons niet opnieuw stilhouden'', schreef een van hen.

Hoewel het universiteitsbestuur inmiddels akkoord is gegaan met een aantal van de eisen, blijken sommige studenten nog alijd niet tevreden. Twee dagen geleden drong de president van de universiteit, Xu Zhihong, er bij de studenten op aan de orde te bewaren. Dat deed hij op een manier die als twee druppels water leek op de aansporingen tot rust en orde van vice-president Hu Jintao, nadat vorig jaar zorgvuldig georkestreerde demonstraties voor de Amerikaanse ambassade tegen het bombardement op de Chinese ambassade in het Joegoslavische Belgrado uit de hand leken te lopen.

De Chinese autoriteiten zijn zeer op hun hoede met nog ruim een week te gaan tot de elfde herdenking van het neerslaan van studentenprotesten in het voorjaar van 1989, zeer op hun hoede. Hoewel het afgelopen jaar, tijdens de tiende herdenking van het bloedbad, door menig commentator is geconcludeerd dat Chinese studenten vandaag de dag weinig politiek geëngageerd zijn, bewezen de aanplakbiljetten en de chat boxes op verschillende Chinese internet sites het tegendeel.

,,Wij zijn niet tegen de partij of de regering'', schrijft een student die tekent met de naam `Bloedend hart'. ,,Maar we hebben het recht van de regering te eisen dat zij ons beschermt.''

Een Chinese website die speciaal bestemd is voor condoleanceberichten (http://cn.netor.com), een soort virtuele begraafplaats, oogstte een groot aantal uitingen van afkeuring en verontwaardiging. Binnen twee dagen stuurden meer dan 15.000 mensen een bericht naar het digitale condoleanceregister van Qiu Qingfeng. Dat waren er bijna drie keer zoveel als naar het register van de drie Chinese journalisten die vorig jaar in Belgrado tijdens het ambassadebombardement om het leven kwamen. ,,Wat is er met China aan de hand?'', aldus één van de reacties. ,,Waar zijn de machthebbers in mijn land mee bezig? Denken ze wel aan het volk, of alleen aan zichzelf?''

Een enkeling schrikt van het subversieve karakter van het condoleanceregister. ,,Ik hoop dat je in vrede gaat en niet zal worden gebruikt als de lucifer van een nieuwe politieke beweging'', schrijft iemand. Het zouden de gedachten van een partijfunctionaris van de Peking Universiteit kunnen zijn. Want de onrust op de campus heeft zijn precedent in China. Dat was de opmaat voor het veel grotere en voor de Chinese regering zeer bedreigende studentenprotest in 1989.

    • Floris-Jan van Luyn