Vrijheid als een paard

Deviant Desires is een deel in de Amerikaanse onderkastreeks Research, waarin eerder schitterende delen verschenen als Incredibly Strange Music en Incredibly Strange Films. De hele serie balanceert op het scherp van de meligheid, maar zonder het evenwicht te verliezen, en zonder het graafwerk van de samenstellers zou er veel bizars verloren zijn gegaan. Men moet inderdaad nogal aan de verrekijker draaien om in de baaierd van mogelijkheden op het gebied van lijfgemeenschap de hippische variant scherp in beeld te krijgen. Katharine Gates deed dat in Deviant Desires. Incredibly Strange Sex, lustbeleving met een onmiskenbaar onderkast-karakter. Gates voert ons mee door een aantal deelgebieden, met passie-objecten als menselijke vleesbergen, feestballonnen (ze drukte een aantal foto's af waarin een als een klassieke pugilist uitziende sportman ingaat tot een doorzichtig, opgeblazen exemplaar), smeurseks met verjaardagstaarten, ketchup, karnemelkse pap of spaghetti uit blik, bij weer anderen gaan de hormonen stormen als met de (naald)hak meikevers, regenwormen of andere kruipende dieren des velds worden verdrukt (`crush-freaks'). Zo heeft iedereen wat anders en afgezien van de crush-mensen zijn de eigenaardigheden die Katharine Gates in Deviant Desires beschrijft bijzonder vrolijk. Niemand heeft er schade van, de mensen vermaken zich, iedereen lacht op de vele foto's die het boek telt. Deviant Desires is niet melig, maar vrolijk. Het is daarbij vrolijkheid van de goede soort, onbezorgd minnespel op basis van degelijke, zo niet minutieuze voorbereiding. Dat is vooral af te lezen aan het onbetwiste hoogtepunt in Gates' overzicht van de zonnige categorie onder de fetisjisten, de hippische variant. Sportief, gezond soms. Zo zien we een sulky, voortgetrokken door een volkomen als renpaard opgetuigde liefhebber, gemend door een vrouw die duidelijk haar best doet zo stuurs mogelijk te ogen. Op een andere foto heeft een jonge vrouw haar bit even uit mogen doen om te worden beloond met een suikerklontje. Natuurlijk is een ponyboy of -girl niet altijd even gehoorzaam en zwaait er soms een rijzweep, maar corrigerende arbeid zien we in Deviant Desires niet vaak verrichten. Katharine Gates belicht vooral de vrijwilligheid van dit ponyvolk, om deel te nemen aan een opwindende verkleedpartij in licht en lucht.

Ik sprak over minutieuze voorbereiding bij dit minnespel. In de eerste plaats zijn er de met het beste leervet onderhouden tuigjes en teugels, de renwagens waar niks aan piept, piercings in tepels of elders die glimmen in de zon, vers stro in de stallen, de aanplakstaarten netjes uitgekamd, geen vlekje op hun hoeflaarzen. Alle exemplaren van de Equus eroticus (tevens de titel van een vakblad op dit gebied) kennen bovendien hun rol. Voor alle duidelijkheid: in deze subcategorie gaat het niet om interactie tussen mens en echte paarden. Die bestaat uiteraard óók, maar de ponytails moeten er niets van hebben. Het moet wel leuk blijven. Al is het liefdesleven van het echte paard wel de inspiratiebron. In de interviews die deze Incredibly Strange-aflevering van Research als alle andere bevat komt ponygirl Frisky aan het woord. Ze vertelt hoe het leven op de ranch haar op een gedachte heeft gebracht: `De eerste keer dat ik een hengst naar de merrie bracht, jezus, toen werd er iets in me wakker. Een hengst plaagt een merrie, knabbelt aan haar, test haar, ziet of ze ontvankelijk is. De merrie, als ze geïnteresseerd is, heft haar staart, wenkt met haar vulva en spreidt haar achterbenen.' De aanzienlijke Frisky omschrijft zichzelf als een mengvorm van een renpaard en ploegpaard. Een warmbloedig, sterk dier dat niet gemakkelijk onder een cowboy bezwijkt. Vele meesters dienen doet ze niet, ze heeft een vaste berijder als heer en meester. Ieder ander gooit ze uit het zadel, dat ook daadwerkelijk op haar rug is bevestigd. Vóór het interview eindigt in een romantische epiloog (`In de herfst van 1999 hebben Frisky en haar cowboy Paul samen een boerderij gekocht') blijkt het niet allemaal pais en vree onder het ponyvolk, dat ook nog eens rivaliserende onderafdelingen kent. Zo spreekt Frisky over `showpony`s', frou frou-exemplaren die te beroerd zijn om werk te doen, en haar voor `karrepaard' verslijten.

Katharine Gates betrekt in haar onderzoek ook The Equiestrian Club, een afdeling van de Eulenspiegel Society of New York, de oudste heteroseksuele vereniging die zich specialiseert in de hippische liefde. Afgezien van de keuze voor het vormenspel uit de ruiterij, essentieel is natuurlijk de verhouding meester-rijdier-trekdier. Waarom zoekt men zo'n hiërarchie? Sulkymenner Sir Guy Masterleigh geeft een een eenvoudig als onthutsend antwoord: door de leidsels aan een ander te geven is de ponygirl of -boy in staat tot lustbeleving zonder zich daarbij schuldig te voelen.

Men draagt met liefde bit en blindkappen, vrijheid tenslotte gaat altijd ergens in gekleed. Waarom dan niet zo'n vrolijk kostuum?

Katharine Gates: Deviant Desires. Incredibly Strange Sex.

Juno Books, 240 blz. ƒ63,75