EEN BROODJE MENS

Van Claude Lévi-Strauss is de uitspraak: ,,Voedsel is er niet alleen om te eten, het moet ook tot nadenken stemmen.''

Als er iets tot nadenken stemt dan is het wel kannibalisme. In het boek Flesh and blood, a history of the cannibal complex van historicus Reay Tannahill wordt dit onderwerp uitvoerig behandeld. Mensenvlees kan het beste langdurig gemarineerd en gesudderd worden. Vroeger werd mensenvlees uit bijgeloof, macht of wraak gegeten. Ook werden bij vliegrampen in het Andesgebergte doden opgegeten om niet te sterven. De overlevenden kregen een culinaire voorkeur voor hersenen en longen. Volgens een 17de eeuwse beschrijving aten gewone Mohawk-indianen tijdens kannibalistische feesten borst, armen en billen, terwijl de opperhoofden de delicatessen, hoofd en hart kregen. De oude Chinezen maakten een soort hachée, waarvoor het in stukjes gesneden vlees eerst gemarineerd werd in azijn. Vervolgens werd het in wijn gestoofd, waaraan zout en gierst werd toegevoegd. Over de verschillende bereidingswijzen is alles te vinden, maar een smaakbeschrijving ontbreekt. In het Bonnefantenmuseum in Maastricht werd ter afsluiting van de tentoonstelling Smaak een broodje namaak-mensenvlees geserveerd. Volgens de antropoloog die dit bedacht smaakt mensenvlees een beetje kalkoen-nootachtig. Maar het beleg van dit museumbroodje was vegetarisch; het `mensenvlees' was van soja waaraan smaakstoffen waren toegevoegd. Vandaag vier kalkoentartaartjes met notensmaak. Bereiding: Hak het vlees in kleine stukjes. Rasp de gepelde ui. Prak de cornflakes met een vork tot kleine stukjes. Hak de helft van de noten tot grove kruimels. Rooster de rest van de noten in een beetje olie lichtbruin. Klop het ei met een beetje water los. Meng vlees, notenkruimels, ui, nootmuskaat, kaneel, ketjap en – naar smaak – peper en zout door elkaar. Maak van dit gehakt vier ballen en druk ze plat. Wentel de tartaartjes eerst door het losgeklopte ei en vervolgens door de cornflakes. Bak ze aan beide kanten op een niet te hoog vuur in een mengsel van zonnebloemolie en boter gaar en lichtbruin. De baktijd bedraagt circa 20 minuten.

    • Anne Scheepmaker