Plan EU-normen opvang vluchtelingen

De Europese Commissie heeft minimumnormen voorgesteld voor de opvang in de Europese Unie van grote stromen vluchtelingen uit crisisgebieden. Het plan bevat geen voorstellen voor spreiding van de lasten van tijdelijke opvang over alle EU-lidstaten. Volgens de Commissie moeten de vijftien EU-landen het daarover onderling eens worden.

Op aandringen van Duitsland en Nederland wordt binnen de EU al drie jaar gesproken over onderlinge solidariteit bij de opvang van ontheemden. Aanleiding hiervoor is het grote aantal ontheemden dat de afgelopen jaren vanuit voormalig Joegoslavië naar Duitsland en Nederland is gevlucht.

De Commissie stelt wel voor om geld uit een klein EU-fonds voor de opvang van vluchtelingen in het geval van een grote crisis te gebruiken. Premier Kok uitte vorig najaar tijdens een Europese top in het Finse Tampere bezwaren tegen zo'n fonds, omdat dit een aanslag op de EU-begroting zou betekenen. De Commissie wil dat het fonds dit jaar slechts over 36 miljoen euro beschikt en daarna tot 2005 jaarlijks over 45 miljoen euro.

De Europese Commissie vindt dat bij een bijzondere crisis alle EU-lidstaten ontheemden gedurende twee jaar moeten opvangen. De vluchtelingen hebben in die periode recht op een verblijfsvergunning en een woning. Ze krijgen toegang tot alle medische en sociale voorzieningen, hebben recht op gezinshereniging en kunnen hun kinderen naar school laten gaan. Bovendien krijgen ze het recht om te werken en om een normale asielprocedure te beginnen.

De Commissie meent dat met de minimumnormen de verplichtingen van de Conventie van Genève over de opvang van vluchtelingen worden gerespecteerd. Volgens Eurocommissaris Vitorino (Justitie en Binnenlandse Zaken) bestaat zonder deze minimumnormen het risico dat landen door middel van het toekennen van de tijdelijke status van ontheemden proberen om de uit de Conventie van Genève voortvloeiende verplichtingen voor de behandeling van vluchtelingen te omzeilen.