KPN strijdt met Fransen om Orange

De veiling van het Britse mobiele telefoniebedrijf Orange, waar het Nederlandse KPN belangstelling voor heeft, is in een stroomversnelling gekomen. Orange moet meer dan 100 miljard gulden kosten. Het leek erop alsof mogelijke kopers dat bedrag volledig in contanten moesten aanbieden, maar de Europese Commissie heeft gisteren laten weten dat zij zich niet zal verzetten tegen een bod dat deels uit aandelen en deels uit contanten bestaat.

Volgens analisten zijn daardoor de kansen van France Telecom toegenomen. De kansen van KPN, dat nog deze zomer zijn dochter KPN Mobile naar de beurs wil brengen, zijn volgens berichten in de Britse pers kleiner dan die van de Fransen. KPN zou bereid zijn om tot 50 miljard euro (110 miljard gulden) te bieden, maar zou minder contanten op tafel willen leggen dan France Telecom. Een complicatie is dat KPN voor de financiering van het bod afhankelijk is van de medewerking van zijn twee partners in KPN Mobile, het Japanse NTT Docomo en het Amerikaanse BellSouth. Docomo heeft een belang in KPN Mobile, BellSouth in KPN.

Orange wordt verkocht door het Britse Vodafone, dat door de overname van het Duitse Mannesmann nu verplicht is om Orange door te verkopen. Verwacht was dat de Europese Commissie bezwaar zou hebben tegen een bod in aandelen omdat Vodafone dan nog steeds een indirect belang zou hebben in Orange. Maar de Commissie liet weten dat ze alleen problemen zou hebben met `zeggenschap' van Vodafone in de nieuwe eigenaar.