Geen uitzicht op de weiden

Ouderen willen niet meer weggestopt worden in een bejaardentehuis. Er moet gebouwd worden voor zelfstandig wonen met een snufje zorg.

DE DEUREN GAAN loodzwaar open en zijn stuk voor stuk op slot. Zo op het eerste gezicht lijkt het Haagse seniorencomplex Croissant (in de volksmond simpelweg `Huygensgracht') een bunker. Ongenode gasten komen, als ze de entree al hebben weten te overwinnen, niet ver. Veiligheid staat in het 162 huurappartementen tellende complex duidelijk voorop.

Bewoner H. Balledux (78) weet inmiddels de weg in het labyrint van gangen, portieken, woonlagen en gemeenschappelijke ruimten. Rinkelend met zijn sleutelbos laat hij het wooncomplex zien: de recreatieruimte met een boekenkast en knutselhoek, de was- en droogmachines die draaien na inworp van muntjes en de logeerkamer die elke bewoner voor 25 gulden per nacht kan huren voor bezoek.

Bijna een jaar woont hij er nu en het bevalt hem. Hij mist de bossen van Hoogeveen (Drenthe), dat wel. Zijn slechte gezondheid noodzaakte de heer Balledux in Den Haag, nabij zijn zoon, te gaan wonen. Toch wilde hij zelfstandig blijven wonen – hij is wars van betutteling – en een verzorgingshuis was geen optie. In zijn tweekamerwoning runt hij een degelijk huishouden. ,,Ik wil zoveel mogelijk zelf doen, zoals koken. Ik moet er niet aan denken dat mij elke dag een magnetronmaaltijd wordt bezorgd. Hier heb ik mijn zelfstandigheid zelf in de hand.'' De moderne oudere ten voeten uit.

Senioren zijn mondig, worden gezonder ouder en zijn veel langer dan in vroeger tijden in staat zelfstandig te blijven wonen. Dat zadelde de woningmarkt op met een probleem: senioren bleven langer in het huis wonen waar ze ooit hun gezin stichtten en grootbrachten. En juist aan die huizen is onder jonge ouders veel behoefte. Aan de andere kant gaven senioren wel aan te willen verhuizen naar een ietwat kleiner onderkomen, maar (nog) niet naar een aanleunwoning of bejaardenhuis.

Woonzorgcomplexen zijn de oplossing: elke bewoner heeft een volwaardige woning, en kan zelf bepalen van welke zorgopties (Thuiszorg, Tafeltje-dek-je, de aanleg van een alarmsysteem in de woning) hij gebruik wil maken. Met (kleine) gebreken van de oude dag is rekening gehouden: de woningen zijn bijvoorbeeld drempel- en traploos.

,,Dé seniorenwoning bestaat niet meer'', stelt Cees Boekhorst, stafdirecteur bij Amstelland Ontwikkeling, de `bouwer' van de Huygensgracht. ,,Dé oudere bestaat ook niet. We hebben senioren veel te lang gestigmatiseerd. Zet ze maar met z'n allen ergens aan de rand van de stad, met uitzicht op weidevelden, dat vinden ze fijn, zo was het idee. Nu weten we beter. Dit complex staat in het centrum van Den Haag, met winkels en voorzieningen op loopafstand. De bewoners bepalen zelf welke hulp ze nodig hebben, en krijgen niet een standaard zorgpakket opgedrongen omdat dat nu eenmaal bij hun leeftijd zou horen.''

Maar de Huygensgracht is nog maar een klein begin, zegt Boekhorst. Senioren moeten in de toekomst actief en in een vroeg stadium worden betrokken bij de ontwikkeling van woningen. Via internet zouden ze moeten deelnemen aan discussies en chatsessies met ontwikkelaars. ,,Het is een verrassing dat veel meer ouderen dan we dachten de weg naar de nieuwe media kennen. Een uitkomst, want zo kunnen ze meepraten, plannen bekijken en commentaar leveren. De toekomst is dat aspirantbewoners een nadrukkelijke inbreng krijgen in de indeling van de woning en in de beschikbare zorgopties. Dit dwingt ontwikkelaars, zorgverleners en woningcorporaties tot een hechte samenwerking. Wonen en zorg gaan steeds meer hand in hand.''

Het `All Living-concept', noemt Woonzorg Nederland, eigenaar van de Croissant, die aanpak. Johan Strik, vice-voorzitter van de raad van bestuur van de corporatie: ,,Vroeger moesten senioren van loket naar loket. Wij streven ernaar dat mensen ons straks bellen, hun woon- én zorgwensen deponeren en wij vervolgens aan de slag gaan om een individueel afgestemd pakket samen te stellen.''

De individuele benadering heeft consequenties voor toekomstige woonvormen, meent Strik. De oudere wordt mondiger, geeft het leven nog lang niet op na zijn laatste werkdag en laat zich niet wegstoppen in een eenvormige blokkendoos van bejaardenwoningen. ,,In de toekomst zullen we thematische wooncomplexen gaan zien. Tuincomplexen bijvoorbeeld, speciaal voor ouderen met groene vingers die hun tuin niet willen missen. Andere ouderen kiezen voor een sportcomplex, waar ze wonen in nabijheid van een zwembad, gymzaal of fitnessruimte. Of denk aan cultuurcomplexen waar de nadruk ligt op gemeenschappelijke muziek- en schilderruimten. De oudere van de toekomst die voor een seniorenwoning kiest, wil dan wel iets kleiner en in een veilige omgeving wonen, heeft behoefte aan wat aanpassingen in huis, maar kiest ook voor voortzetting van zijn levensstijl, zijn hobby's en interesses.''

De zorgkant zal op het eerste gezicht meer naar de achtergrond verdwijnen. Achter de ontvangstbalie zit geen zuster meer en de gemeenschappelijke ruimten zullen doen denken aan een huiskamer, in plaats van een visitezaal in een ziekenhuis. Strik: ,,De zorg moet indien nodig voorhanden zijn, maar ouderen moeten niet het idee hebben dat ze per definitie patiënt zijn.''

Zo zijn in de Croissant geen alarminstallaties in de woningen aangebracht, maar wel aansluitingen om de alarmknoppen eenvoudig te monteren. ,,We zijn van die standaardvoorziening afgestapt, na klachten van ouderen in andere wooncomplexen. Die zeiden: `Ik ben nog vitaal en ik weet heel goed wat ik doe als ik een trapje beklim, en ik wil helemaal niet geconfronteerd worden met die noodknoppen.' De oudere van nu en straks laat zich niet betuttelen.''

OUDEREN

    • Aranka Klomp