Feestelijke plekken

Boven ieders leven hangt het Grote Feest. Een huwelijk, een familiereünie omdat oma honderd is geworden of een huwelijk dat al vijftig jaar heeft standgehouden. Maar waar gaat het Grote Feest plaatsvinden en hoe gaat het eruit zien? Een overzicht van mogelijkheden.

Ome Klaas en tante Jet zijn 50 jaar getrouwd. Dat mag een wonder heten en dus wordt er feest gevierd en de hele familie en vriendenschaar zijn uitgenodigd. `Prima', denk je nog even, terwijl je uitrekent dat het bezoek aan het locale feestzaaltje je hoogstens twee uur hoeft te kosten, als je nog voor het startschot van de polonaise een griepaanval voorwendt. Het had zo mooi kunnen zijn. Maar Ome Klaas en tante Jet zijn niet van gisteren. Feestzaaltje? Dat is toch not done tegenwoordig. Een beetje feest speelt zich af `op locatie': in een kasteel, een klooster, op een boot of in een landhuis. En dus stap je je auto in en reis je af naar een of ander onherbergzaam oord, waar je na aankomst je hakken in de modder zet en beladen met cadeaus richting de muziek strompelt. Mismoedig reken je uit dat je pas over zes lange uren thuis zult zijn, en je schakelt maar vast over naar de polonaise-stand: armen naar voren, olijke blik, licht lallend en op die manier hossend driemaal het landhuis rond.

Was een dergelijke locatie eertijds alleen weggelegd voor bedrijven, tegenwoordig kan ook de particulier zich een bijzondere locatie permitteren. De budgetten voor feesten worden groter, de behoefte `uit te pakken' bij doodnormale gelegenheden als een trouwjubileum of een zoveelste verjaardag eveneens. En dus hure men voor prijzen van een paar honderd, tot duizenden guldens een locatie, desgewenst aangekleed volgens een thema. Vrijwel alle denkbare locaties zijn te huur. Er kan een vorkje worden geprikt onder toeziend oog van een koppeltje haaien in het aquarium Sealife in Scheveningen, geflaneerd worden in een van de statige zalen van Christofori in Amsterdam en geswingd in een parkeergarage die is omgetoverd tot enorme feestzaal.

Volgens Ben Boenk van Boenk & de Groot Catering en Evenementen in Den Haag, is een goede locatie zijn geld waard. ,,Er zijn mensen die heel lang sparen en dan ter gelegenheid van een zoveeljarig huwelijk het hele gezin een maand meenemen op safari in Afrika. Stel dat dat 25.000 gulden kost, dan zeg ik: waarom niet met dat budget een feest op een exclusieve locatie geven? Dan kunnen vrienden en verdere familie ook meegenieten. Zo'n feest vergeet je nooit meer.''

Onvergetelijk in de traumatische zin des woords zijn de ramp-feesten: gelegenheden waarop alles misgaat en die voor de gastheer en -vrouw een ware uitputtingsslag blijken. Mensen die de organisatie van hun feest in eigen hand willen houden, lopen een verhoogd rampfeest-risico. Bij de keuze van een feestlocatie is het gemakkelijk enkele praktische zaken over het hoofd te zien. Zo is het prachtig de Grote Kerk in de Haagse Binnenstad te boeken, maar als er uiteindelijk maar 200 man rond de kansel staan, is de galm luider dan het feestgedruis en doet de grote ruimte wel erg ongezellig aan.

Tweede fout is een locatiekeuze zonder op de omgeving te letten. Dat leuke grachtenpandje in Amsterdam mag dan perfect zijn, maar waar laten de gasten hun auto? En tot hoe laat kun je doorfeesten zonder voor overlast te zorgen?

Regels en wetten zijn ook haken en ogen: voldoet het pand wel aan de brandveiligheidsvoorschriften? Is een vergunning nodig? En als oma met een advocaatje te veel achter de kiezen die Chinese vaas in de hal van het afgehuurde pand omverwandelt, is er dan een extra verzekering afgesloten?

Een ander belangrijk nadeel van eigenhandig op locatiejacht gaan, is de grilligheid van de prijzen. In feite geldt: het is wat de gek ervoor geeft. Een organisatiebureau heeft vaak goede afspraken gemaakt met exploitanten van feestlocaties of weet wat een redelijke prijs is voor locaties die (nog) niet onder contract staan.

Bovendien kan de klant bij een organisatiebureau aangeven wat ongeveer de gewenste soort locatie is, waarna hij bladerend door fotoboeken die ene perfecte en bugettair aantrekkelijke plek kan kiezen. ,,Voor ieder budget is wel iets te vinden'', zegt Pim Lombarts, oprichter van locatiespecialist en organisatiebureau De Ceremoniemeester, met zeven vestigingen door heel Nederland. In zijn aanbod heeft hij onder andere het Bethaniënklooster en het Koninklijk Instituut voor de Tropen, beide in Amsterdam, maar ook twee- en driemasters en cruiseschepen die iedere gewenste ligplaats aandoen en elk water bevaren.

`De schepen zijn kostbare locaties'', geeft Lombarts toe, ,,Het gaat om totaalprijzen. De locatie is onderdeel van een pakket: aankleding, catering en muziek. Het aantal gasten beïnvloedt natuurlijk ook de prijs.'' Locaties worden nagenoeg nooit `los' verhuurd, maar hebben samenwerkingsverbanden met vaste cateraars of organisatiebureaus. Voor de particuliere feestneus biedt dat louter voordelen: gegeten en geplast moet er toch, dus is het wel zo handig als een organisator voor een buffet of extra mobiele toiletten zorgt.

Bovendien kan oma gerust die vaas aan diggelen gooien, want voor extra verzekeringen wordt gezorgd, evenals voor de benodigde vergunningen en zaken als extra stroomvoorzieningen. Het zou niet de eerste keer zijn dat het ingehuurde feesten- en partijenbandje inplugt in het stopcontact en de halve stad in het donker zet. ,,Een particulier die zelf een locatie huurt en inricht, denkt niet aan al die praktische details, hoe kan hij ze ook kennen? Een feest organiseren is een vak apart'', stelt Ben Boenk van het Haagse evenementenbureau.

Je zult net zien dat ome Klaas en tante Jet doe-het-zelvers zijn, want Hollanders zijn nog altijd zuinig en denken zo goedkoper uit te zijn. Dus opent het bandje van een neef en zijn vrienden het feest vrolijk met een `lang zullen ze leven', alvorens over te schakelen naar hun drie nummers tellende heavy metal-repertoire, hebben alle tantes RSI van het prakken van huzarensalade voor 200 man en stuiteren de `buurtjes' kotsend het pand uit omdat de tap doe-het-zelf was en het gouden vocht al te gretig aftrek vond.

Wie gaat rekenen, ontdekt dat zelf een locatie regelen niet voordeliger is dan uitbesteden. Een bureau heeft een sterke onderhandelingspositie richting exploiteurs, cateraars en leveranciers van andere faciliteiten. Bovendien zijn tal van locaties in het aanbod verrassend laag geprijsd. Voor 600 gulden (`kale' huurprijs, de eventuele aankleding met bijvoorbeeld een aantal tenten komt daar nog bij) is een deel van het Haagse Malieveld het jouwe en hetzelfde geldt voor een stuk strand voor een beachparty. Veel musea verhuren zalen tegen een aantrekkelijke prijs, en dan krijgen de gasten desgewenst nog een rondleiding ook.

Het Communicatiemuseum in de vroegere Koninklijke Bazar in Den Haag is zo'n locatie. Te midden van historische postwagens en telefooncellen kan de gehele gastenschaar borrelend iets opsteken over communicatie door de tijden heen, waarna in een van de zalen in de naastgelegen theosofentempel het feest kan losbarsten. Het Singer Museum in Laren heeft een prachtige tuin die een idyllisch decor vormt voor een cocktailparty of receptie.

Hetzelfde geldt voor de binnenplaats en het souterrain van Museum Het Paleis in Den Haag, dat tevens de statige balzaal verhuurt. Slijterij en museum Van Kleef & Zoon in Den Haag is een ware ontdekking voor wie een onderkomen voor een gering aantal (tot ongeveer 60) gasten zoekt. Het 19de-eeuwse winkelinterieur van de slijterij doet dienst als bar, maar ademt in alles de sfeer van langvervlogen tijden. De wijnkelder onder de slijterij is via een trap in de winkel bereikbaar en de perfecte plek voor een bescheiden buffet.

Bureau Boenk & de Groot heeft deze voormalige `Fabriek van Fijne Likeuren en Bitterextracten' nog maar net in zijn aanbod opgenomen. In 1986 sloot Van Kleef als laatste Haagse stoomdistilleerderij haar deuren, om in 1995 na een restauratie en als museum weer open te gaan. ,,Voor een paar honderd gulden huur, kun je hier te midden van de oude fusten en distilleertoestellen een perfecte borrel geven'', zegt Ben Boenk. ,,Hapjes en drankjes kunnen naar elk budget worden ingevuld.

Het museum is blij met de inkomsten, want daarmee kan het de verdere restauratie en inrichting financieren.'' En daarin schuilt het geheim van de unieke, doch betaalbare feestlocatie. Musea en soortgelijke instellingen leven niet van het feestgedruis, maar exploiteren ruimten om een extra zakcent te verdienen.

Vergeet de decadente schepen, landhuizen en kastelen die kostbare aankleding behoeven en niet om de hoek liggen, en ga `cultureel'. Dronken als een tor, stukgedanst en met een fikse kater als klapstuk, had ome Klaas dan tenminste nog kunnen zeggen: ,,Jet, ik mag je broer dan wel in beschonken toestand op zijn neus hebben geslagen, je moeder mag dan wel zijn gestikt in een zilveruitje, en de huzarensalade heeft iedereen buikloop bezorgd, maar wij hebben mooi wél bijgedragen aan neerlands cultureel erfgoed.''