Een autistische winkelreus

Het verschijnsel shopping mall deed zich het eerst voor in – waar anders? – de Verenigde Staten. Daar verschenen al voor de Tweede Wereldoorlog in de buitenwijken grote gebouwen waar allerlei verschillende winkels waren ondergebracht. In de loop van de tijd zijn ze uitgegroeid tot ware consumptieparadijzen, met niet alleen winkels en warenhuizen, maar ook bioscopen, restaurants, attracties, fastfood-restaurants, enzovoorts.

Ook Nederland, waar net als in de VS het shoppen het belangrijkste tijdverdrijf aan het worden is, kent inmiddels het woord shopping mall. `Shopping mall voor wonen en leven' staat er bijvoorbeeld op het bord bij Haaglanden Megastores, een reusachtig gebouw in een gebied in Den Haag bij station Hollands Spoor. Een echte shopping mall, compleet met bioscopen en ander vertier, is het niet geworden. Het is meer een uit zijn krachten gegroeide overdekte meubelboulevard, waar ook vestigingen van de ETOS, McDonald's, XENOS en kappers- en dierenwinkels zijn te vinden.

Wel zijn de Haaglanden Megastores heel erg groot: het winkeloppervlak is meer dan 100.000 vierkante meter, oftewel ongeveer 20 voetbalvelden. Op de daken van het gebouw kunnen niet minder dan 1700 auto's parkeren. Het winkelcentrum heeft drie lagen met winkels en aan beide uiteinden inpandige pleintjes. Om de oriëntatie van de bezoekers te bevorderen, zijn de Haaglanden Megastores dan ook onderverdeeld in een paarse, gele, oranje en rode zone.

De vormgeving van Haaglanden Megastores is sober, op het saaie af. Het architectenbureau OIII heeft jammer genoeg de verleiding van Las-Vegas-architectuur weerstaan en de simpele constructie van glas en staal zichtbaar gelaten. Alleen bij de mooie rolhellingbanen is een grote neprots gebouwd, die onderdak biedt aan een winkeltje.

Door het licht dat door de halfronde glazen kap naar binnen valt, doen de Megastores in de verte denken aan een 19de-eeuwse passage, de voorloper van de shopping mall. Alleen gaat het hier, anders dan bijvoorbeeld bij de Haagse passage, om een verbinding tussen niets en nergens. De Haaglanden Megastores zijn een gebouw dat zich heeft afgewend van de omgeving. Door de eindeloze, grotendeels blinde buitenmuren en de relatief kleine ingangen voor voetgangers doet het winkelcentrum zich voor als een weerbarstige burcht, die alleen per auto via een grote spiraalvormige hellingbaan toegankelijk is.

De Haaglanden Megastores zijn een brute ingreep in het Laakhaven-gebied geworden. De gemeente Den Haag en ook de architecten van OIII hebben nog geijverd voor wat zij een `stedelijk gebouw' noemen, maar uiteindelijk hebben de commerciële belangen van projectontwikkelaar Volker Wessels Stevin de overhand gekregen. De commercie dicteert gemakkelijk beheersbare ruimtes en zo zijn de Haaglanden Megastores een autistische reus geworden. Op het eerste gezicht zijn de binnenruimtes van de shopping mall openbaar gebied, maar bij nader inzien blijken ze helemaal privaat. Huisdieren zijn er verboden, zo blijkt uit de overal opgeplakte shopping-mall-regels, evenals rolschaatsen, skaten, fietsen en brommen. Rondhangen bij de balustrades is ook niet toegestaan, en zelf meegebrachte drank mag niet worden genuttigd. ,,Een verordening van het centrummanagement dient terstond te worden opgevolgd'', staat er dreigend als laatste huisregel.

Architecten en stedenbouwkundigen mijmeren tegenwoordig graag over de nieuwe stedelijkheid die in de VINEX-wijken zou moeten ontstaan. Maar stedelijkheid, oud of nieuw, is een illusie bij VINEX-wijken. Ondanks alle goede bedoelingen zijn en blijven de VINEX-wijken suburbs en die zijn per definitie anti-stedelijk, grootschalig en monofunctioneel. Erg is dit niet, want buitenwijken hebben zo hun eigen voordelen waarover de bewoners meestal tevreden zijn.

Een nieuw soort stedelijkheid is wel mogelijk in de in onbruik geraakte industrie- en havengebieden als het Laakhaven-kwartier en het naburige slachthuisterrein. In dit soort gebieden, die vaak tegen oude stadscentra aanliggen, is een werkelijke vermenging van functies als wonen, werken en recreëren mogelijk en hier kan de fijnmazigheid van de oude stad worden gecombineerd met de onvermijdelijke grootschaligheid van de huidige steden. Maar in het Laakhaven-gebied overheerst nu alleen de grootschaligheid. Een jaar of tien geleden verscheen op het voormalige slachthuisterrein de Lamel, het kolossale woongebouw van Aldo Rossi. In 1997 volgde op het naburige vroegere industrieterrein de nog grotere Hogeschool van Atelier Pro voor maar liefst 15.000 studenten.

De Megastores Haaglanden met hun twintig voetbalvelden winkels zijn de bekroning van deze stupide opeenstapeling van geïsoleerde giganten en hebben het Laakhaven-gebied als mogelijk aantrekkelijk nieuw stadsgebied definitief om zeep geholpen.

Gebouw: Haaglanden Megastores, Den Haag. Architect: OIII (Maarten Sanders en Hans Witt). Opdrachtgever: Volker Wessels Stevin projectontwikkelings- maatschappij. Bouwkosten:

ongeveer 80 miljoen gulden. Ontwerp: 1992-'97. Bouw: 1998-2000.

    • Bernard Hulsman