Het genot van een harde hand

Met één wereld- en één Europees record onder- streepte zwemster Inge de Bruijn (26) zaterdag in Monaco haar olympische ambities. ,,Wie weet waartoe ik in staat ben.''

Drie dagen na haar krachtsexplosie in Monaco is Inge de Bruijn nog beduusd van haar eigen machtsvertoon. ,,Het is best eng, want ik had niet eens getaperd'', klinkt het vanuit Sheffield, de volgende tussenstop in haar Europese toernee. ,,Wie weet dus waartoe ik nog meer in staat ben.''

Taperen staat voor een periode van relatieve rust die zwemmers vlak voor een belangrijke wedstrijd in acht nemen. De Bruijn liet die voorbereiding, nodig voor een optimale krachtsinspanning, achterwege en ontzag zichzelf niet tijdens de training. Het kon niet verhinderen dat de 26-jarige sprintster uit Barendrecht zaterdag vriend en vijand verbaasde met een indrukwekkend wereldrecord op de 50 meter vlinderslag (25,83 – was 26,29) en een al even subliem Europees record op de dubbele afstand (57,96 – was 58,41).

Daarmee voldeed De Bruijn ruimschoots aan de opdracht die ze zichzelf had meegegeven. ,,Ik wilde per se hard zwemmen. De concurrentie ligt ook niet stil. Voor mijn gevoel moest ik een goede prestatie neerzetten, temeer omdat mijn laatste grote toernooi (EK in Istanbul, red.) alweer bijna een jaar geleden plaatsvond.''

Helemaal onverwachts kwam het glansoptreden niet. Begin deze maand, bij een onbeduidende invitatiewedstrijd van haar Amerikaanse club (Tualatin Hills Swim Club in Beaverton, Oregon), bleef De Bruijn op de 50 meter vlinderslag slechts 0,05 seconde verwijderd van het wereldrecord.

Met haar records in Monaco trekt De Bruijn de lijn door die ze ruim drie jaar geleden inzette toen ze zich in Amerika aansloot bij coach Paul Bergen. Onder diens leiding hervond de tweevoudig Europees kampioene de aansluiting met de wereldtop en, minstens zo belangrijk volgens De Bruijn, het plezier. ,,In Amerika ben ik het zwemmen weer gaan waarderen'', zei ze in januari tijdens een trainingsstage in Florida. ,,In Nederland zat ik op een dood spoor. Ik was toe aan een nieuwe omgeving, aan een nieuwe uitdaging.''

Spectaculaire vorderingen zijn sindsdien het gevolg. Op de 100 vlinder bijvoorbeeld verbeterde De Bruijn zich met bijna drie seconden: van 1.00,64 naar 57,96. Dat is een reusachtige sprong, in sport waar het om tienden en, vaker nog, om honderdsten van seconden gaat. Ontelbare records vestigde het blonde boegbeeld van de THSC, die op de clubwebsite (www.thillsswimming.com) al Miss Record Setter wordt genoemd.

De Bruijn schrijft haar progressie toe aan een niet aflatende trainingsijver, en de wisselwerking tussen de rigide aanpak van Bergen en de losse manier van werken van haar Nederlandse coach bij PSV, Jacco Verhaeren. ,,Die afwisseling doet mij goed, ook al ben ik maar een paar weken per jaar in Eindhoven. Het houdt me bij de les.''

Bergen, een oud-assistent van de Amerikaanse ploeg, legt in zijn trainingen de nadruk op het uitbouwen van het fysieke vermogen. Zo is De Bruijn bijna dagelijks in de weer met gewichten, klimt ze met alleen haar handen in touwen en betrad ze onlangs met schoenen het water, om haar beenslag te verbeteren. ,,Ik heb regelmatig spierpijn en lig 's avonds niet voor niets al om acht of negen uur op bed.''

Zelfs voor Amerikaanse begrippen legt `drillcoach' Bergen de lat hoog. ,,Bergen balanceert op het randje'', vertelde oud-topzwemmer Eric Namesnik, assistent-coach bij de universiteit van Michigan, eerder dit jaar. ,,Zijn trainingen op zaterdag bijvoorbeeld kennen een open einde. Pas als hij zegt dat het genoeg is, meestal pas ergens in de middag, mogen zijn zwemmers het water verlaten. Hard werken oké, maar Bergen maakt het wel erg bont.''

Bergens wil is wet, zo ondervond De Bruijn vorig najaar nog maar eens. Maar wat graag had ze deelgenomen aan de US Open en de EK kortebaan (25 meter) in Portugal. ,,Ik wilde de concurrentie opzoeken om mezelf weer te testen, om ritme en vertrouwen op te doen. Zeker omdat er dit seizoen toch al niet al te veel wedstrijden van niveau zijn. Maar Bergen vond beide toernooien niet in mijn planning passen. Volgens hem was ik niet klaar, omdat ik kort daarvoor bronchitis had gehad. Ik was het niet met hem eens, maar `nee' is voor hem `nee' en daarmee was de discussie gesloten.''

De Bruijn zegt de harde hand van Bergen nodig te hebben. ,,Zijn aanpak werkt voor mij. Kijk naar mijn resultaten van de laatste jaren. Natuurlijk is het niet altijd even leuk om elke dag om vier uur naast je bed te staan en maandenlang vrienden en familie te missen. Maar ik doe het niet voor niets. Wie wat wil bereiken, moet daar wat voor over hebben. Dit is het offer dat ik moet brengen.''

Bij de Olympische Spelen in Sydney gaat De Bruijn op drie nummers van start: op de 100 vlinder, en op de 50 en de 100 vrij. Bang om te bezwijken onder de druk zegt De Bruijn niet te zijn. ,,Ik leg mezelf geen druk op. Als anderen mij als een favoriete willen beschouwen, dan vind ik dat best. Zelf zet ik die druk tegenwoordig om in positieve spanning.''

De Bruijn heeft in Australië wat goed te maken, nadat ze vier jaar geleden de Spelen in Atlanta aan haar neus voorbij zag gaan. Het is amper voor te stellen, maar in de voorbereiding op het olympisch toernooi legde De Bruijn onvoldoende trainingsijver aan de dag. De toenmalige bondscoach René Dekker kon niets anders doen dan De Bruijn uit zijn selectie verwijderen toen ze zijn waarschuwingen in de wind sloeg. Niet veel later deed PSV-trainer Verhaeren hetzelfde.

Het is een zwarte bladzijde waar De Bruijn niet graag aan herinnerd wordt. ,,Het heeft geen zin om terug te kijken'', sprak ze in januari streng. ,,Jullie journalisten vinden het kennelijk prachtig, maar voor mij is die periode verleden tijd. Wat gebeurd is, is gebeurd. Ik heb er van geleerd en kijk nu nog slechts vooruit.''

Haar zege op de 100 vlinder, afgelopen zomer bij de EK in Istanbul, beschouwt De Bruijn als een mentale doorbraak. ,,In dat veld, op die afstand én met die tijd — daar had ik in '97 niet van durven dromen. Ik overtrof mezelf. Het was jarenlang net niet, en nu voelde ik het al bij het inzwemmen: ik ben de sterkste.''

Net als wereldkampioen Marcel Wouda (28) geldt De Bruijn als een laatbloeier. Zeventien was het alom bewierookte talent toen ze bij de WK in Perth brons won met de estafetteploeg op de 4x100 vrij. Drie succesvolle jaren volgden, waarna stagnatie optrad. ,,Iedere zwemmer heeft tijd nodig om tot ontplooiing te komen. Marcel is daar een goed voorbeeld van. Iemand die door schade en schande wijs is geworden en bij wie op een goede dag, na een leerproces van vele jaren, de puzzelstukjes op de juiste plaats vielen. Voor mij geldt min of meer hetzelfde.''

Zwemster Inge de Bruijn (26) groeit in Amerika uit tot `Miss Record Setter'

    • Mark Hoogstad