Enschedé en Franse Oberthur niet samen

De vorig jaar juli met groot optimisme aangekondigde fusie van Joh. Enschedé en het Franse bankbiljettenbedrijf François-Charles Oberthur gaat niet door. De fusie is afgeketst op details, op verschillen in cultuur en op karakters van de beide topmannen.

Dat heeft een woordvoerder van Joh. Enschedé vandaag gezegd. Enschedé moet nu op eigen kracht verder en zoekt een nieuwe fusiepartner, zo mogelijk ook buiten Europa. Op de markt van bankbiljetten (80 miljard nieuwe biljetten per jaar) is Enschedé maar een kleine speler met 600 miljoen bankbiljetten per jaar. Het bedrijf in Haarlem is met meer dan één nieuwe fusiepartner in gesprek, aldus de woordvoerder vandaag.

Vorig jaar juli werd de fusie met het Franse bedrijf aangekondigd, in een verhouding 30:70. Op hoofdpunten was overeenstemming bereikt. In Haarlem prezen toen president-directeur J. Bruinstroop en zijn collega N. Koutros, directeur van de bankbiljettenpoot van de Franse drukker, elkaar nog.

Oberthur heeft een sterke positie op de internationale markt, Enschede staat bekend om zijn hoogwaardige kwaliteit bij veiligheidsdrukken. Enschedé was extra verleidelijk voor de Fransen omdat het euro's drukt, in opdracht van De Nederlandsche Bank. De Fransen misten in het voorjaar van 1999 een order van de Portugese Bank. Dat versnelde de vrijage die kort daarvoor begonnen was, liet Bruinstroop toen doorschemeren.

Enschedé maakte vandaag bekend dat het 1999 met een netto resultaat heeft afgesloten van 2,5 miljoenn euro, een stijging van 8 procent, en een omzet van 81,6 miljoen euro, een stijging van 3 procent.

De geprivatiseerde staatsdrukkerij Sdu heeft onlangs de aandelen in Enschede/Sdu via een vijandige bieding overgenomen. Dit eenzijdig verbreken van de joint venture met Sdu is door Joh. Enschedé aan arbitrage onderworpen. Uitslag wordt rondom de jaarwisseling verwacht, aldus Enschedé in een persverklaring.

Toch heeft Enschedé onlangs een huurovereenkomst met Sdu afgesloten, waardoor het bedrijf in Haarlem kan blijven, aldus de verklaring.