Courtney Love

In de reeks profielen van eigentijdse sterren deze week Courtney Love. De leadzangeres van Hole en weduwe van Kurt Cobain was al een sociologisch fenomeen voordat ze in films speelde als Milos Formans The People vs. Larry Flynt en Man on the Moon.

,,Ik ben geen vrouw, maar een natuurverschijnsel'', is een van Courtney Love's meest geciteerde uitspraken. Wie een kortstondige blik op haar curriculum werpt, kan echter beter concluderen dat Love niet zozeer hemel een aarde beweegt, maar een carrière heeft gebouwd op het tarten van de goede smaak. Meer nog dan stripteasedanseres, rockster, weduwe Cobain, junkie, ontaarde moeder of opmerkelijk filmactrice is Courtney Love (geboren als Love Michelle Harrison op 9 juli 1964 in San Francisco) een sociologisch fenomeen.

Haar biografie laat zich lezen als een editie uit de Luilekkerlandkrant voor psychologen. Opgegroeid in Californische hippiecommunes en in Europa en Azië, besloot Love op vijftienjarige leeftijd om haar eigen `verklaring van volwassenheid' uit te roepen. Dankzij de financiële speelruimte van een `trust fund' en een baantje als stripteasedanseres in louche bars in het Verre Oosten, dook haar naam van tijd tot tijd op als groupie van deze of gene punkrocker, terwijl ze zelf verwoedde pogingen deed om a) beroemd en b) van haar overgewicht af te komen. In een biografie die Poppy Z. Brite van Courtney Love schreef, leest haar leven als een lange slinger van verlopen popsterren, gelardeerd met de suggestie van wat seksueel misbruik hier en een wanhopige drugsverslaving daar.

Naar Courtney Love kijken, kun je heel lang. Naar dat met de snoeischaar gefatsoeneerde geblondeerde haar, die verzwelgende mond die met signaalrode lipstick gekleurd eerder afstoot dan aantrekt en naar de onwaarschijnlijke lompheid waarmee ze haar borsten uit een kinderjurkje kan laten puilen. Maar ook naar haar hysterische optreden als voorvrouw van rockband Hole, de stijlvolle manier waarop ze plotseling bij de première van The People vs. Larry Flynt (Milos Forman, 1996) kon verschijnen in een Versace-jurk en haar hartverscheurende oproep aan de fans van grungeband Nirvana om hun idool en haar man een `asshole' te noemen omdat hij zelfmoord had gepleegd.

Het is onmogelijk om dat complex van verschijningsvormen niet te zien, als je naar Love's filmrollen kijkt, waarin ze overigens altijd opvallend kwetsbaar, bescheiden en sober is. 1996 was haar jaar, met een platinaplaat voor het album `Live Through This', en filmrollen in Basquiat, Feeling Minnesota en haar voor een Golden Globe genomineerde optreden in Milos Formans biopic van Hustler-oprichter Larry Flynt. Hij caste haar vorig jaar weer voor zijn film over komiek Andy Kaufman, Man on the Moon, waarin zij nu te zien is. Maar wie nu naar haar rol als de vriendin van Nancy Spungen kijkt in Alex Cox' punkfilm Sid and Nancy (1986) ziet ook al een voorafschaduwing van haar eigen rol als breekijzer in het leven van Kurt Cobain van Nirvana. De Britse documentairemaker Nick Broomfield, zou haar die rol weer geven in zijn documentaire Kurt & Courtney (1998), waarin hij, onder actieve tegenwerking van de pasbestorven weduwe Cobain, grond zocht voor beschuldigingen dat Love haar echtgenoot zou hebben laten vermoorden. Ik vrees dat Love haar leven zo gefictionaliseerd heeft dat haar speelfilmrollen langzamerhand nog de enige vrijplaats zijn om zichzelf te laten zien.

    • Dana Linssen