Topmilitair overwoog op te stappen

A. van der Vlis, de voormalige hoogste Nederlandse militair, heeft overwogen af te treden toen minister Ter Beek (Defensie) in 1993 besloot militairen naar Srebrenica te sturen.

Dat zei de oud-chef defensiestaf gisteren tegen de commissie-Bakker die onderzoek doet naar de politieke besluitvorming rond de deelname van Nederlandse militairen aan internationale vredesmissie.

Van der Vlis, de belangrijkste militaire adviseur van de minister, vond het voormalige Joegoslavië ,,een wespennest''. Maar hij stapte niet op omdat ,,er geen twijfel mag bestaan over de loyaliteit van de krijgsmacht''.

Ook voormalig bevelhebber van de landstrijdkrachten, generaal H. Couzy, was tegen de militaire operatie. Couzy werd gisteren ook ondervraagd over het feest dat voor Dutchbat was georganiseerd in Zagreb, na de val van Srebrenica in de zomer van 1995. Op dat feest waren ondermeer minister van defensie J. Voorhoeve, premier Kok en prins Willem-Alexander. Couzy heeft minister Voorhoeve ,,ernstig ontraden'' om naar Zagreb te komen ,,maar hij was vastbesloten te gaan. En toen moest Kok en kwamen er steeds meer hoogwaardigheidsbekleders bij''. Hij wilde vooral dat de militaire onder elkaar stoom konden afblazen. De voormalig bevelhebber kreeg van Voorhoeve wel de waarschuwing dat het geen ,,brallend feest'' mocht worden. Couzy: ,,Maar ik vond dat deze mensen even uit de band moesten springen.''

Oud-minister H. van Mierlo (Buitenlandse Zaken) zou volgens De Volkskrant premier Kok hebben ontraden om de Dutchbat-soldaten te bezoeken in Zagreb. Maar Kok weigerde gehoor te geven aan Van Mierlo's oproep omdat hij vond dat de Nederlandse soldaten een zware taak hadden volbracht.

Het gevolg van Srebrenica is dat Nederland te weinig deelneemt aan vredesoperaties. Dat zei P. van Walsum, de Nederlandse vertegenwoordiger bij de Verenigde Naties, vanmorgen voor de radio. ,,Na Srebrenica zijn we enigszins verlamd geraakt op dat gebied'', aldus de oud-topambtenaar van Buitenlandse Zaken die gisteren werd gehoord door de commissie-Bakker.