Cultuurnota 1

Het positief commentaar van NRC Handelsblad op de Cultuurnota (17 mei) gaat geheel voorbij aan de oneerlijke behandeling van het Noordhollands Philharmonisch Orkest.

Het profiel van het NPO is zoals de nota `Cultuur als confrontatie' van Van der Ploeg aangeeft:

– de meest vooruitstrevende programmering van alle Nederlandse orkesten

– op grote schaal uitvoeringen van werken van Nederlandse componisten

– een educatieve afdeling waar geen randstedelijk orkest aan kan tippen met o.a. jeugdmuziektheater en stripopera

– begeleidingen van het Nationaal Ballet

– een speelgebied dat zich uitstrekt over de gehele Randstad

Ons orkest is het meest veelzijdige orkest van Nederland; veelzijdigheid en durf zijn altijd doelstellingen voor het ministerie van OCenW geweest. Nog in het nabije verleden is het orkest extra subsidie toegekend wegens die veelzijdigheid.

Thans stelt de Raad dat onze taken beter door andere orkesten uit de regio kunnen worden vervuld en het NPO dus best kan worden opgedoekt.

Dit nu zal blijken een illusie te zijn; de grote orkesten zijn absoluut niet in staat de taken van het NPO op zich te nemen. Ziet u het Nedpho en het KCO al spelen in Haarlem, Alkmaar, Gouda, Zoetermeer en Hoofddorp met b.v. de jeugdproductie `Uw dienaar J.S. Bach'?

Het NPO is geen heilig huisje, niet verstoft, niet plichtmatig en teert niet op oude roem. Wij moeten bloeden, omdat de Raad vindt dat de symfonieorkesten te veel subsidie krijgen. En wat is er dan simpeler om een klein orkest als het NPO op te heffen?

    • Voorz. Or Npo
    • R. van der Heide