Grootmachten: kernwapens ooit de wereld uit

De vijf kernmachten hebben zaterdag ,,ondubbelzinnig'' beloofd hun nucleaire wapens af te schaffen. Het is de eerste keer dat de kernmachten zich zo direct uitspreken over nucleaire ontwapening, al gaat dat niet gepaard met praktische stappen of een tijdsschema.

De belofte maakt deel uit van de slotverklaring van de vijfjaarlijkse conferentie voor de naleving van het non-proliferatieverdrag in New York. Het is voor het eerst in vijftien jaar dat de 187 ondertekenaars tot een gezamelijke verklaring komen.

In het slotdocument van de conferentie doen de vijf kernmachten – de Verenigde Staten, Rusland, China, Frankrijk en Groot-Brittannië – ,,een ondubbelzinnige belofte (...) te komen tot een totale elimatie van hun nucleaire arsenalen, die zal leiden tot nucleaire ontwapening waar alle staten zich aan verbinden''. Die doorbraak werd bereikt door bemiddeling van een groep landen van de `Nieuwe Agenda-coalitie': Brazilië, Egypte, Ierland, Mexico, Nieuw Zeeland, Zuid-Afrika en Zweden.

Het non-proliferatieverdrag werd gesloten in 1968 en werd twee jaar later van kracht. De niet-kernmachten beloofden niet te streven naar kernwapens, in ruil voor een vrijblijvende belofte van de kernmachten om naar nucleaire ontwapening te streven. In 1995 werd het verdrag voor onbepaalde tijd verlengd, met de afspraak dat de ondertekenaars elke vijf jaar een conferentie beleggen. Alleen India, Pakistan, Israel en Cuba hebben het verdrag nog niet ondertekend. India en Pakistan verrichtten in 1998 kernproeven.

Een geschil tussen de VS en Irak zorgde vrijdag nog voor een etmaal uitstel. De VS wilden vermelden dat Irak sinds 1998 weigert zich te onderwerpen aan de door de VN-Veiligheidsraad geëiste controles van zijn nucleaire, chemische of biologische arsenaal. Irak wilde daarvan niets weten. Na bemiddeling door Canada werd een voor beide partijen acceptabele formulering gevonden.

Het slotdocument voorziet in een moratorium op kernproeven totdat het kernstopverdrag van kracht wordt, grotere openheid van de kernmachten over hun nucleaire arsenalen, het verminderen van de rol van kernwapens in de nationale veiligheidsdoctrines en het terugdringen van tactische kernwapens.