De maestro van de tango

Zo statig, zo elegant, zo correct, zo beheerst en zo spelbepalend als Fernando Redondo vind je ze zelden op het voetbalveld. Bovendien is hij een van de weinige voetballers met fatsoen in het lijf. Want wie deze 31-jarige Argentijnse meester van de balcontrole op een zware overtreding heeft betrapt, is een kniesoor. Altijd betoont hij zich een heer op het middenveld, altijd blijft hij te midden van verhitte gemoederen het fatsoen zelve.

Waarom noemen zo weinig voetballiefhebbende vaders hun zoon Redondo? Een mooiere naam voor een voetbalzoon bestaat niet. Je zoon naar Redondo vernoemen, getuigt van bewondering voor een van de mooiste voetballers die het laatste decennium op 's Heren velden heeft rondgelopen. Want Redondo's fraaie en effectieve bewegingen zijn echt niet alleen van recente data. Al op het WK van '94 in de VS was hij de oogstrelende spelverdeler van het Argentijnse team. Argentinië was toen dankzij hem, Batistuta, Simeone en Maradona op weg naar de titel totdat laatstgenoemde zich liet betrappen op een elixer van alle uppers en downers die een mens maar tot zich kan nemen.

Goddelijk waren toen al de bewegingen van de welopgevoede jongen uit Buenos Aires. `El principe', de prins, werd Redondo genoemd, door zijn vorstelijke uitstraling en zijn lange, blonde haren. Wanneer kap- en draaiprofessor Wiel Coerver nog iets had kunnen opsteken van een voetballer, dan was het wel van Redondo geweest. Jorge Valdano, de Argentijnse ex-voetballer, ex-coach en schrijver, bracht hem na het WK van '94 mee van Tenerife naar Real Madrid. Wanneer Valdano 's middags Redondo had zien spelen, kroop hij 's avonds achter zijn bureau en schreef hij heimelijk een gedicht. Het was een bekentenis die Valdano pas jaren later deed. Het was in september 1995, nadat de Argentijnse bondscoach Daniel Passarella Redondo had gesommeerd zijn haren af te knippen.

De lange haren waren zijn handelsmerk. Redondo was er trots op, hij voelde er zich groot en sterk mee. Redondo weigerde. Hij voelde het bevel als een belediging. Alsof hij een snotjongen was. Hij voelde het als een belediging voor zijn ouders, welopgevoede mensen die als arbeiders in een vleesfabriek de centjes bij elkaar spaarden om hun zoon toekomst te kunnen geven; en voor zijn vrouw en drie kinderen. Redondo was tot op het bot beledigd. Toen Passarella hem later alsnog vroeg, zei Redondo dat hij zijn studie economie wilde afronden en liever intellectuele schrijvers als García Marquez las.

Hoe arrogant ook, hij wist dat hij spijt zou krijgen. Want na het Argentijnse verdriet in 1994 had hij juist in 1998 willen schitteren. Zonder hem was Argentinië al een titelkandidaat, maar met de fantastische Redondo zou Argentinië zeker kampioen zijn geworden. Want Redondo is onmisbaar. Hij is bij Real de leider in en buiten het veld. Wie niet speelt zoals hij het wil, krijgt ervan langs. Vraag het Clarence Seedorf, die bij Real voortdurend standjes van Redondo moest incasseren. Vraag het trainer John Toshack, die dit seizoen op gezag van Redondo en Hierro door voorzitter Sanz werd ontslagen. Del Bosque, de interim-trainer, is nu een man naar Redondo's hart: geen machtswellusteling, maar een vriendelijke man met fatsoen.

Redondo draagt al enige tijd zijn haren kort. Maar nog altijd is hij de maestro van de tango. Zoals hij draait met de bal aan de voet, dat is toch zoals een opgewonden tangodanser zijn gewillige partner stuurt. Eindelijk verlost van zijn slepende knieletsels gooit Redondo er nog altijd kap-, draai- en schaarbewegingen uit die zowel liefhebber als tegenstander in vervoering brengen. En, God allemachtig, nog altijd met de allure van een prins.

    • Guus van Holland