Car audio

Vroeger kocht men een autoradio om naar de fileberichten te kunnen luisteren. Het geluid en het uiterlijk deden er eigenlijk niet toe. Die tijd is definitief voorbij. Sterker nog: de naam autoradio wordt al niet eens meer gebruikt. Fabrikanten spreken nu over car audio. Of nog gekker: over auto infotainment of mobile entertainment. Het is een snel groeiende markt, waar steeds meer fabrikanten zich op storten. Naast bekende namen als Pioneer, Aiwa, JVC, Philips, Kenwood, Sony, Grundig en Magnat trekken exclusievere merken als Rockford, Infinity, Soundstream en VDO Dayton de aandacht.

Alleen al aan de vormgeving van de autoradio is te zien dat er veel is veranderd. De displays vallen op door kleurrijke animaties die gelukkig ook kunnen worden uitgezet omdat ze de aandacht afleiden. Pioneer gaat het verst met zijn organische displays: natuurlijke koolstofelementen die elektrische energie in licht omzetten, waardoor zelfs bij vol zonlicht een extreem hoge lichtopbrengst wordt bereikt. De ultradunne displays met grote kijkhoek (160 graden zonder verminderde helderheid) tonen een animatie van zwemmende dolfijnen. ,,Als kinderen dat zien, zijn ze verkocht'', zegt de vertegenwoordiger trots.

Maar het draait uiteraard niet alleen om displays. De meeste tuners zijn tegenwoordig voorzien van het Radio Data System (RDS), waardoor men op het display kan zien welke zender of muzieksoort is geselecteerd. De modernste systemen zijn bovendien geschikt voor ontvangst van Digital Audio Broadcasting (DAB), een digitaal omroepsysteem dat nu ook in Nederland in gebruik is, maar door de redelijke kwaliteit van de FM-zenders nog niet echt is aangeslagen.

De meeste automobilisten hebben aan een tuner echter niet genoeg. Zij willen ook eigen muziek kunnen afspelen. Voor 500 gulden is al een eenvoudige radio-CD-combinatie te krijgen. Mooier, maar wel veel duurder, zijn systemen met cd-wisselaar en minidiskspeler. Audiosystemen met cassettespelers worden nauwelijks meer aangeboden, al blijven die handig als men een taalcursus volgt.

De geluidskwaliteit van de geleverde audiosystemen is uitstekend en soms zelfs beter dan in de huiskamer. De nieuwste systemen passen het volume van de toestellen automatisch aan het omgevingslawaai aan (motor, windgeruis, rolgeluiden). Bij Pioneer kan de volumestijging in 12 stapjes van 1 db door de gebruiker in vijf niveaus worden ingesteld. Panasonic maakt veel ophef over een eerste uitklapbare center speaker, een klein luidsprekertje dat aan het display is gekoppeld en met een eigen versterker van 5W voor `grootse prestaties' moet zorgen.

Veel systemen zijn verder geïntegreerd met de GSM-telefoon, zodat de stem van de gesprekspartner via de luidsprekers van de auto kan worden weergegeven. De toekomst is aan systemen die met de stem kunnen worden bediend. Om een nummer van uw favoriete artiest te spelen, hoeft u alleen maar zijn of haar naam te noemen.

Car entertainment is meer dan audio. Menige fabrikant levert tegenwoordig complete multimediasystemen inclusief videorecorders, televisie-ontvangers, 6,4 inch-monitoren met hoofdtelefoonaansluitingen en aangepaste antennes. LCD-schermpjes schuiven met een druk op de knop automatisch uit het dashboard. Het is ook mogelijk om een tweede scherm achter in de auto te monteren, zodat kinderen op de achterbank videospelletjes kunnen spelen terwijl de automobilist op zijn scherm navigatie-informatie te zien krijgt.

Zomaar een navigatiesysteem is ook al niet meer voldoende. Automobilisten die het nieuwste van het nieuwste willen, doen aan dynamische routeplanning. In Nederland, Duitsland, Frankrijk en Italië en binnenkort ook in België en Engeland wordt de TMF-functie (Traffic Message Channel) aangeboden. Daarmee worden verkeersboodschappen doorgegeven, zodat tijdig een alternatieve route kan worden ingesteld.

Het duurt niet lang meer of al deze mogelijkheden komen samen in een allesomvattend entertainment systeem, de auto-pc. Naast het afspelen van Digitale Video Discs (DVD) en cd's kan de automobilist allerlei spelletjes in de auto spelen of informatie van internet opvragen. Verschillende fabrikanten werken momenteel aan auto-pc's naar specificaties van softwarefabrikant Microsoft. Goedkoop is dit alles echter niet. Voor een multimediasysteem moet toch al gauw 10.000 gulden worden uitgetrokken. En daar komen de inbouwkosten nog eens bovenop.

Doe-het-zelfpakketten zijn niet te koop: het inbouwen moet worden overgelaten aan vakmensen. De kosten vallen mee als de apparatuur in één keer gemonteerd wordt, al hangt veel af van het type auto. Vandaar dat het verstandig is om bij de aanschaf met eventuele toekomstwensen rekening te houden, anders wordt het vertimmeren van de auto wel erg kostbaar. Hoewel de fabrikanten in principe van alle markten thuis zijn – vrijwel alle merken leveren naast audio ook navigatieapparatuur – is het niet gezegd dat men alles bij één fabrikant kan kopen. Met het oog op integratie (navigatiesystemen geven de informatie vaak weer op een extern beeldscherm) is het wel verstandig om zoveel mogelijk onderdelen van dezelfde fabrikant te bestellen.

En dan is er nog het probleem dat men de apparatuur tegen diefstal zal moeten beschermen. De meeste automobilisten schaffen ook maar meteen een inbraakpreventiesysteem aan. Maar fabrikanten hebben zelf ook oplossingen gevonden: sterk in opkomst zijn het afneembare front. Door het voorste gedeelte van de tuner of cd-speler af te nemen is de rest even niets meer waard. Bij andere systemen schuift het bedieningspaneel naar achter, uit het zicht, en blijft een donkere lege console achter.