Zijn eigen verhaal was het beste

Het begon allemaal met het rariteitenkabinet van grootmoeder Chatwin: daarin lag een stukje huid met rood haar, afkomstig van een brontosaurus. Het maakte een onuitwisbare indruk op de jonge Bruce Chatwin. Toen het stukje huid bij een verhuizing kwijtraakte nam hij zich voor een vervanging te vinden, en dat leidde jaren later tot een reis naar Zuid-Amerika en de daadwerkelijke vondst van een stukje brontosaurushuid. Vervolgens schreef Chatwin zijn eerste en beroemdste boek, In Patagonia (1977), waarmee hij het doodverklaarde genre van de reisliteratuur nieuw leven inblies.

Om het leven van reiziger-schrijver Bruce Chatwin (1940-1989) hangt een wolk van romantische verhalen. En dat komt niet in de laatste plaats door Chatwin zelf, die behalve een causeur en een charmeur ook een enorme fantast was.

De prachtige documentaire In de Voetsporen van Bruce Chatwin, waarvan het eerste deel vanavond wordt uitgezonden, geeft een panoramisch beeld van Chatwins vijf reisboeken, de vijf continenten waar ze gesitueerd zijn en het korte leven waarin ze geschreven werden. Het verhaal springt heen en weer tussen tijden en plaatsen, tussen feiten en verhalen, op een manier die volstrekt helder blijft; net als in Chatwins boeken, die geen chronologisch verloop hebben en zich ook niet laten categoriseren als fictie of non-fictie.

Documentairemaker Nicholas Shakespeare, wiens biografie van Chatwin vorige zomer verscheen, staat aan het begin van de documentaire in zuidelijk Patagonië. Shakespeare zegt dat hij de voetstappen van de schrijver is nagereisd om de `waarheid van zijn leven' te ontdekken, en uiteindelijk tot de conclusie is gekomen dat `zijn eigen verhaal het beste was'.

Het romantische beeld van de nomadische Chatwin blijft dan ook grotendeels intact in de documentaire, die voor een groot deel wordt bepaald door fragmenten uit interviews met de schrijver, passages uit zijn boeken en gunstige anecdotes van vrienden en familie.

De mensen die Chatwin tegenkwam op zijn reizen en die als personages in zijn boeken terechtkwamen zijn soms minder over hem te spreken. De meesten vergeven hem wel dat hij de werkelijkheid vervormde, dat is immers `het recht van de schrijver', maar enkelen beschuldigen hem van aperte leugens. Een Australiër die hem dwarszat bij zijn onderzoek naar de aboriginalcultuur, voor zijn boek The Songlines (1987), meent dat Chatwin in zijn boeken wraak nam op iedereen die hem niet beviel.

Chatwin kwam in Afrika tot het inzicht dat de mens van nature nomadisch is en goedaardig, en dat er pas geweld en inhaligheid ontstaan als hij zich op één plaats vestigt. Volgens zijn biograaf was deze hypothese meer gebaseerd op zijn eigen rusteloosheid dan op feitelijk onderzoek; het diende als `verklaring voor zijn eigen tegenstellingen'.

En Chatwin had zo z'n tegenstellingen in zijn leven, als getrouwde homoseksueel, nomade die het liefst in luxe leefde en egoïst die de consequenties van zijn eigen gedrag niet onder ogen wilde zien – dat laatste komt uit de mond van zijn vrouw, Elisabeth Chatwin. Ze ziet voor het eerst de smalfilmbeelden van hun trouwdag terug en houdt vol dat trouwen `absoluut' de juiste beslissing was – ze zag Chatwin wel haast nooit, maar hij hield van haar en bracht altijd cadeau's mee van zijn reizen.

De foto's en filmbeelden tonen Chatwin onveranderlijk als een knappe man die het patent op de eeuwige jongensachtigheid leek te hebben. De beelden van zijn laatste interview zijn schokkend: Chatwin is sterk vermagerd en zijn ogen heeft hij angstig wijd opengesperd. Hij leed aan een `zeldzame Chinese schimmel', zei hij.

Het was zijn laatste leugen.

In de Voetsporen van Bruce Chatwin, zaterdag, TV2, 0.30-1.30u.