Onderwijs

Al jaren erger ik mij aan de verhullende wijze waarop er in de pers, ook in NRC Handelsblad, bericht wordt over de OESO-normen voor onderwijs. Dit jaar is mijn ergernis, gezien het bereikte cao-akkoord voor het basis en middelbaar onderwijs zo mogelijk nog groter. Vandaar deze brief. Mijn reactie richt zich met name op de berichtgeving over de normen voor het middelbaar onderwijs waarin ik zelf werkzaam ben.

Hoe brengt het NRC dit bericht dat Nederland als onderwijsland het schaamrood op de kaken zou moeten brengen. Er wordt nuchter melding gemaakt van het feit dat Nederlandse leraren 150 lesuren per jaar meer geven dan hun collega's in de buurlanden. Vervolgens wordt er de salarissen vergeleken. Uit die vergelijking blijkt dat leraren de eerst 15 jaar van hun loopbaan minder verdienen dan hun buitenlandse collega's. Daarna worden de verschillen kleiner. Zo'n berichtgeving ergert mij.

De krant maakt niet duidelijk dat een verschil van 150 lesuren op jaarbasis betekent dat een Nederlandse leraar over 30 jaar 4.500 lesuren meer gegeven heeft dan collega's in buurlanden. Ik ga uit van 30 jaar omdat een Nederlandse leraar, zo blijkt uit de praktijk, wat eerder `versleten' is. Gedeeltelijke of gehele afkeuring zorgt vanzelf voor minder lesuren en dus minder inkomen. Worden de cijfers vertaald naar werkweken dan verlengt een Nederlandse leraar zijn week met ongeveer 6 uur, voorbereiding en nawerk inbegrepen. Dan het salaris. De krant verduidelijkt niet dat een leraar in Nederland, gemeten over zijn werkend bestaan, altijd achter blijft bij zijn collega in buurlanden, laat staan dat uitgelegd wordt dat lessen in Nederland altijd slechter betaald worden. Laat ik het verder dan maar niet hebben over het gegeven dat een Nederlandse docent naast zijn lesgevende taken meer ander werk verricht dan zijn buitenlandse collega.

    • J.A.J. van Zuilen