De oorlog (1)

In zijn artikel `Het bruikbare verleden' (Z 6 mei) schreef Bas Blokker: `We waren er allang aan gewend geraakt dat Nederland tussen '40 en '45 bestond uit slappelingen die de andere kant opkeken toen de joden werden weggevoerd.' Inderdaad hebben wij dergelijke zware verwijten, soms zoals hier aan het hele Nederlandse volk, tot in den treure kunnen lezen. Wat ik altijd in die uitspraken mis is een zinnige suggestie, getuigend van voorstellings- en inlevingsvermogen, hoe het volgens de schrijver wél had moeten en kunnen gaan. Graag zou ik dan ook alsnog van de heer Blokker vernemen hoe hij zich voorstelt dat men destijds had moeten handelen toen de joden werden weggevoerd. Niet de andere kant opkijken dus. De gewapende begeleiders te lijf gaan? Of wat anders?