Hanen met piemels

Hoe de piramiden gebouwd werden, het machtige rijk der Azteken ten onder ging, hoe de stoomtrein werkt: in tientallen non-fictieboeken krijgen kinderen dat uitgelegd. Prachtig geïllustreerd meestal. Maar over hoe het op de moderne boerderij in ons land toegaat, wat een boer moet doen om een koe kunstmatig geïnsemineerd te krijgen bijvoorbeeld, of hoe een witlofstruikje groeit, daarover verschijnen zelden leuke informatieve kinderboeken. Het hedendaagse boerenbedrijf geldt niet als een sexy onderwerp voor de doelgroep jonge lezers.

Toch is er nu een toegankelijk en vrolijk geïllustreerd boek verschenen over het werk dat honderdduizend boeren in ons land dagelijks doen, met de titel Land- en tuinbouw: voor jou een vraag, dat speciaal voor kinderen geschreven is. Het is een boek vol antwoorden op onverwachte vragen, zoals `Heeft een haan een piemel?', `Hoeveel graankorrels gaan er in een boterham?' en `Wat is een ligwiedfiets?' Dat zulke vragen aan de orde komen is het gevolg van de opzet van het boek: het is mede gebaseerd op vragen die kinderen de afgelopen jaren stelden aan de redactie van een onderwijstijdschrift voor land- en tuinbouw, Het Kleine Loo.

Seks en dood, daar gaat het op de boerderij eigenlijk altijd om. Die thema's worden nuchter en begrijpelijk behandeld. Niet dat er schokkende platen van geslachte varkens en koeien te zien zijn. Maar op een niet-sentimentele manier wordt in Land- en tuinbouw: voor jou een vraag bijvoorbeeld uitgelegd dat boeren anders met hun dieren omgaan dan kinderen met hun konijntje of cavia. Hij houdt wel van dieren ``maar hij geeft ze geen kusjes, zo gek is hij er ook weer niet mee. Gelukkig maar, want er komt altijd een keer dat een boer afscheid moet nemen van het dier', het wordt verkocht, of gaat naar de slachterij. En: ``Een boer lacht niet als een schaap steeds over het hek uit de wei springt (...). Als een dier echt vervelend is, wordt het verkocht. Een boer moet plezier houden in zijn werk.'

Over seks is het boek ook open. In `Kalfjes uit een rietje' wordt gedetailleerd beschreven hoe stieren zaad leveren voor kunstmatige inseminatie, door op een nepkoe te springen: ``Net voordat hij met zijn piemel bij de koe naar binnen wil gaan, duwt een man [onder de nepkoe] een rubber buis om de piemel. De stier trekt zich er niks van aan en spuit het sperma in de buis.' Het dekken van de zeug, het bevruchten van de kip (door een haan met een kleine piemel), het komt allemaal aan bod.

Het boek is helder ingedeeld met secties over veeteelt, akkerbouw en tuinbouw, waarbij steeds per pagina een vraag (de titel van een hoofdstukje) behandeld wordt. Er wordt niet alleen zo helder mogelijk geformuleerd, ook de tekeningen vormen een wezenlijke bijdrage aan de toegankelijkheid van het boek. Ze zijn altijd duidelijk, door Hilbert Bolland getekend in de klare lijn-stijl, en vaak grappig, ze zorgen voor comic relief in die grote hoeveelheid informatie. Over nadelen van bio-industrie wordt geschreven, over scharrelkippen en mestkalveren. Die groeien niet erg gelukkig op, ook al zitten ze niet meer in kisten; als ze niet vast gezet worden gaan ze aan elkaars oren zuigen en elkaars urine drinken, waar ze ziek van kunnen worden.

Voor drie categorieën is Land- en tuinbouw: voor jou een vraag een onmisbaar boek. Ten eerste voor nieuwsgierige kinderen, die er in kunnen vinden dat voor een boterham 370 graankorrels nodig zijn. Ten tweede voor kinderen, jongen of meisje, die later boer willen worden (`niets voor een slappe Tinus'). Ten derde voor kinderen die een goede spreekbeurt op school willen houden.

Ronald Bos e.a. red.: Land- en tuinbouw: voor jou een vraag, PR Land- en tuinbouw, postbus 620, 2700 AP Zoetermeer, 128 blz. ƒ25,45. Ook te bestellen per email prlt@prlt.nl ovv `Land-en tuinbouw: voor jou een vraag'

Nederlandse literatuur