File is een onuitroeibaar ritueel

Automobilisten verwachten niet dat door het rekeningrijden, waarover het kabinet vandaag een besluit neemt, de files zullen oplossen. Verstopte snelwegen zien zij als een onlosmakelijk onderdeel van hun bestaan.

De Opel Astra van vertegenwoordiger Michel Stegmeijer is tijdens de file net een bijkantoor. ,,Mijn rechterstoel is mijn bureaublad'', zegt hij. Aan het einde van een werkdag hangt zijn dashboard vol memoblaadjes met telefoonnummers. Hij heeft geen handsfree set, dus: telefoon in de linker-, pen in de rechterhand en ,,sturen met het knietje''. ,,Ik ben het gewend hoor.''

Stegmeijer is een van de automobilisten die op een maandagochtend tussen half acht en half negen aansloten bij de rij voor het Shell pompstation langs de A4, richting Amsterdam, hoogte kilometerpaal 15. De automobilisten die hier staan te tanken, belanden vrijwel dagelijks op dit traject in een file. Wat doet dat met een mens?

Honderdvijftig automobilisten werd gevraagd contact op te nemen om verslag te doen van leven en leed in de file. Tweeëndertig mannen en één vrouw namen de moeite om binnen een week te schrijven, bellen of e-mailen. Eén ding is duidelijk: filerijden is voor hen net zo'n dagelijks terugkerend ritueel als boodschappen doen. Wat moet moet. ,,De file is niet te bestrijden'', zegt consultant G. Yanover (rijdend in een Toyota Picnic). ,,Ze is een onderdeel van onze samenleving geworden.''

In een file staat men al lang niet meer te wachten om van A naar B te komen. In de file wordt het leven thuis of op kantoor voortgezet. De automobilisten noemen: scheren, telefoneren, muziek/radio luisteren, opmaken, eten, (krant)lezen, notulen uitwerken, calculaties uitvoeren, afspraken maken, koffiezetten op de sigarettenaansteker en – uitsluitend bij anderen waargenomen – neuspeuteren.

Bij de file zelf voelt de automobilist nog een soort berusting. Men spreekt over de file als over een wezen van vlees en bloed, een bekende met een eigen bioritme. ,,Als de file net begint, rolt de rechterhelft lekkerder door. Als de file oplost, komt de linkerhelft weer het eerst op snelheid'', zegt een bankdirecteur rijdend in een Volvo V70. Maar wat nooit zal wennen: de andere weggebruiker, meer specifiek: ,,de asociaal''. Hij die voortdurend van rijstrook wisselt om elk gaatje te vullen, hij die vluchtstrook of pompstation gebruikt om verderop in de file te raken, of hij die bekendstaat als de bumperplakker. Slechts één `asociaal' maakte zichzelf bekend. Interim-manager F. Trompert (Renault Scenic) geeft toe: als hij te laat dreigt te komen voor een eerste afspraak met een nieuwe klant, dan schiet hij wel eens een pompstation over. ,,Ik ben een vrij rustige chauffeur'', zegt hoofd personeelszaken C. van Baaren (Nissan Estate), ,,maar als ik dat zie, geef ik even gas bij.''

Ook erg: de automobilist die niet rijden kan. ,,Voor de Schipholtunnel op de rem trappen als er een vliegtuig over rijdt, want dat is toch zo'n leuk gezicht. Dan denk ik: weer zo'n idioot'', zegt interim-manager J. Heetwinkel (Volkswagen Passat).

Volgens gegevens van het ministerie van Verkeer en Waterstaat hebben op een gemiddelde werkdag naar schatting 350.000 tot 500.000 weggebruikers door de files te kampen met tijdverlies (in totaal ongeveer 19 miljoen uur). Daardoor loopt het Nederlands bedrijfsleven een schade op van twee miljard gulden per jaar. Het zou interessant zijn te onderzoeken hoe de files drukken op de gezondheidskosten van de Nederlandse samenleving. ,,Ik zit vreselijk te stressen'', zegt Van Baaren. ,,Ik voel de adrenaline door mijn lijf gieren.'' ,,Ik krijg kramp in mijn maag'', zegt consultant Yanover, Engelsman van geboorte, maar de gewoonte om op zijn beurt te wachten inmiddels grotendeels kwijt. ,,Ik voel me betrapt, ga zitten piekeren. Had ik toch beter een half uur eerder kunnen vertrekken? Had ik langer moeten blijven? Vreselijk.''

Minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) denkt de filestress te kunnen verminderen. Als automobilisten in de ochtendspits vijf of zeven gulden moeten betalen, zullen zij proberen de file te mijden, zo is haar gedachte. Op termijn zal dit rekeningrijden leiden tot een afname van de filetijd met 30 tot 40 procent.

De filetijd van de automobilisten die op die maandagochtend tankten bij het Shell-pompstation varieert van vijf minuten tot twee uur. Maar, op twee personen na, waren zij unaniem in hun oordeel over rekeningrijden: geen oplossing. Wel: ,,geldklopperij'' (C. van Baaren, Nissan Estate), ,,het bedrijfsleven moet weer de portemonnee trekken'' (T. van Alphen, Opel Sintra) en ,,weer een manier om de auto uit te melken'' (F. Trompert, Renault Scenic). En volgens het onderzoek De gebruiker in beeld van het ministerie van Verkeer en Waterstaat denkt meer dan de helft van de toekomstige rekeningrijders er zo over. ,,Wat is er eigenlijk met het kwartje van Kok gebeurd',' vraagt timmerman Gerrit Ouwendijk zich af.

Uit het onderzoek van Verkeer en Waterstaat blijkt verder dat 41 procent van de rekeningrijders überhaupt niet wil overwegen zijn rijgedrag te veranderen als de tolheffing is ingevoerd. Logisch, zeggen veel automobilisten, we doen er al alles aan om uit de file te blijven. Het is voor veel automobilisten een voortdurend jongleren met werktijden. De eerste afspraak van de dag om elf uur zetten en dan thuis eerst nog wat schrijven, faxen en mailen. Of – als het kan – thuiswerken. ,,Deed ik dat niet, dan stond ik elke week wel tien keer in de file'', zegt manager C. Deckers (Volvo S80) die nu zo'n drie keer per week twintig minuten vaststaat. ,,Gelukkig ben ik in de positie dat ik mijn eigen werktijden kan invullen.''

De file heeft zich ook reeds ingevreten in de planning van het collectieve maatschappelijk leven. In de agenda's van de automobilisten staan steeds vaker ontbijtafspraken of avondsymposia. En soms – heel soms – kan de file een moment van rust zijn. Filerust. Gestolen tijd tussen kantoor en thuis. ,,Telefoon uit, de cd-speler zachtjes aan'', zegt financieel directeur T. van Alphen (Opel Sintra). ,,Drie kwartier lang bepaal ik dan zelf wat ik doe.''

    • Monique Snoeijen