Vlaggen

Galatasaray!

Bij Shoarma Alibaba op de Rozengracht in Amsterdam stond vannacht de hele familie met alle medewerkers, inclusief de kleine kinderen, op de stoep. Omhelzen, zingen, dansen op een ongetwijfeld Turkse trom. Op zeker moment stopte de tram vlak voor de zaak, de achterdeur ging open en een jongen stelde zich in de deuropening op terwijl hij de rode Turkse vlag ontrolde. Een ovatie was zijn deel.

Die vlag, dat weet wat. Nooit eerder heb ik zoveel Turkse vlaggen bij elkaar gezien. Over de Rozengracht raceten honderden auto's claxonnerend naar de Dam, uit elke auto hingen drie, vier jongeren jongens, soms ook meisjes van wie er minstens één uitbundig met de vlag zwaaide.

Een andere unieke ervaring: een Turkse vrouw zwaaide mij vanuit een personenauto uitgelaten toe. Houden zo!

Het was een merkwaardig gezicht: die auto's met Nederlandse nummerborden, de jongeren die vaak behoorlijk Nederlands spraken (schreeuwden) en dan die vlag, die niets met Nederland te maken heeft.

Op de Dam kwamen ze eindelijk uit hun auto. Zo'n vierhonderd feestvierders verzamelden zich juichend voor het paleis. De sfeer was niet grimmig, ik zag nog niemand met drank rondlopen. Men gaf zich over aan het autisme van de feestroes, het handjevol toekijkende Nederlanders werd met rust gelaten. De politie mocht zelfs met de voetbalsupporters op de foto met die vlag uiteraard tussen de twee volkeren in.

Wanneer zullen ze zich Nederlander voelen, vraag je je bij zo'n uitbarsting van nationalisme onwillekeurig af. Komt er een moment waarop ze die vlag niet meer nodig hebben? Je gunt hun de lol zie ons als Ajax roem oogst – maar tegelijkertijd schrik je van die verabsolutering van het eigen volk.

Misschien was voor mij de overgang te groot. Ik was eerder die avond naar een bijeenkomst van het Nieuw Republikeins Genootschap (NRG) geweest. Daar was niet één allochtoon te bekennen. Dat NRG moet niet verward worden met het Republikeins Genootschap, het veel beslotener gezelschap van o.a. Pierre Vinken en Martin van Amerongen. Sinds januari is het ledental van het NRG gestegen van 94 naar 150. Dat komt door Lech, verzekerde de secretaris me met de deskundige vanzelfsprekendheid waarmee de loodgieter zegt: lek.

Lech? Ach ja, de skivakantie. Die affaires, daar moet je het als republikein van hebben, denken ze bij het NRG. Alleen op die manier kan de monarchie worden uitgehold. Ze hadden zich twee jaar geleden opgericht met het doel een brede volksbeweging te worden, maar dat zit er voorlopig niet in. Tenzij... Maxima en die rare vader? Je weet maar nooit.

Er werd gediscussieerd met iemand van de Bond van Oranjeverenigingen. Die verklaarde meteen dat ze daar niet zozeer monarchisten alswel `Oranjeklanten' zijn. Ook dol op vlaggen, neem ik aan.