Strijd brandweer en de landmacht

Bij de beoordeling van opslagplaatsen voor vuurwerk is meermalen sprake van een competentiestrijd tussen de milieuambtenaren van het ministerie van Defensie en de brandweer in de betreffende gemeente.

De afdeling op het ministerie van Defensie acht zich de enige rechtmatige adviseur waar de gemeente naar dient te luisteren. Dit blijkt onder meer uit brieven die het Bureau adviseur milieuvergunningen hierover heeft gestuurd aan de gemeente Dordrecht.

Daar blijkt bovendien uit dat deze dienst uitsluitend de locatie beoordeelt zonder de (woon)omgeving er bij te betrekken.

De deskundige ambtenaren van Defensie kregen in 1995 de aanvraag te behandelen van een vuurwerkhandelaar in Dordrecht. De man vroeg toestemming voor een forse uitbreiding van de opslag. Defensie zag, als het om consumentenvuurwerk zou gaan, geen enkel probleem. Maar vuurwerk van de zwaarste categorie (1.1.) wilde men niet toestaan.

De brandweer van Dordrecht keurde de grotere opslag af, omdat het in de betreffende buurt veel te gevaarlijk zou zijn. De ambtenaren van Defensie stuurden de milieudienst Zuid-Holland Zuid, die het gemeentebestuur adviseerde, op 17 augustus 1995 een brief waarin werd gesteld dat de brandweer zich er buiten moet houden. Die kan volgens het bureau helemaal niet optreden als adviseur.

,,Lees de wet er maar eens op na, daarin wordt de directeur van het Defensiebureau genoemd als adviseur'', hielden ze de provinciale milieudienst voor. En: ,,Het is niet duidelijk wat de taak van de brandweer is binnen het gestelde van de wet Milieubeheer'', aldus de brief van de Koninklijke Landmacht. Verder schreven deze specialisten: ,,Voor zover het bezwaar van de brandweer stoelt op brand en explosiegevaar, bericht ik u dat massale ontploffing van het onderhavige vuurwerk niet behoeft te worden gevreesd. Zelfontbranding van vuurwerk kan, mede gezien de van overheidswege gestelde normen ten aanzien van de samenstelling en verpakking van dergelijk vuurwerk, alsmede de controle daarop redelijkerwijs uitgesloten worden geacht. Daarom moet worden voorkomen dat het vuurwerk betrokken raakt bij een brand die ontstaat buiten de bewaarplaats''.

De gemeente Dordrecht heeft de uitbreiding van de opslag geweigerd.