Euthanasie

In NRC Handelsblad van 13 mei stond een artikel over SCEN-artsen: artsen die getraind zijn in het geven van advies (o.a. de – verplichte – tweede mening) bij een euthanasieaanvraag.

Als voorbeeld was er een uitgebreid gesprek met dokter Rob Stolk uit Tilburg. Als de inzichten van Stolk op dit terrein exemplarisch zijn, kunnen de (fundamentalistische) tegenstanders van euthanasie gerust zijn: hun politieke activiteiten zijn dan overbodig. Dokter Stolk geeft drie voorbeelden. Over het eerste valt te praten, hoewel: ,,Wij zijn niet opgeleid om iemand weg te spuiten.'' Ik zou zeggen: soms moet dat, dat is nu juist (een deel van) de euthanasie. Belangrijk is de tegenzin in het citaat. Dit wordt sterker bij de volgende gevallen.

Het tweede geval geeft al veel aanleiding tot commentaar, bijvoorbeeld: ,,Stolk stelde vast dat nog geen sprake was van ondraaglijk lijden.'' Volgens mij kan alleen de patiënt dit bepalen; de dokter kan zeggen of de ziekte terminaal, uitzichtloos is.

Het derde voorbeeld slaat werkelijk alles: een zieke heeft lang tevoren alles overdacht en zijn wensen opgeschreven. Nu hij terminaal is, wenst hij euthanasie, het is genoeg, hij wil geen verder ontluistering. De dokter: ,,Ik heb hem gezegd dat ik (!) er nog niet aan toe was. Daar had hij wel begrip voor[...] we (!) zijn er samen naar toe gegroeid[...] hij is van zijn trots afgestapt[...]'' Bah.

    • J.J.M. Klein