Techniek in sinister tegenlicht

Blijven we wie we zijn of gaan we onszelf in de toekomst opwaarderen tot superwezens? Volgens de makers van de tweedelige tv-serie Technocalyps – een co-productie van IKON en een paar buitenlandse partners – zal die vraag zich spoedig aandienen. De mogelijkheden om mensen flink te verbeteren zijn namelijk velerlei.

Om te beginnen is daar de gentechnologie. Staat nog in de kinderschoenen, maar als de DNA- code van de mens eenmaal in kaart is gebracht is de verbeterde man of vrouw een mogelijkheid. Superslim, of superatletisch, het zou allemaal kunnen. En wellicht straks bittere noodzaak, want er komt zware concurrentie uit de hoek van de computers. In geheugen en rekenkracht hebben ze de mensen allang overtroffen, maar volgens Technocalyps staat een nieuwe generatie zelflerende computers te trappelen om mensen ook in veel andere opzichten naar de kroon te steken. De computer met een ziel is niet ver weg meer.

Misschien kunnen we de strijd winnen als we meer gaan doen aan de bionische combinatie van mens en computer. Het implanteren van chips in de hersenen is immers ook een optie. Chips om een uitgevallen hersengedeelte te repareren, of om de complete Encyclopedia Britannica zonder veel moeite in het hoofd te krijgen – het moet kunnen, straks.

Ook veelbelovend is de nanotechnologie: het manipuleren van afzonderlijke atomen. Zo kun je de eigenschappen van materialen veranderen – van koolstof diamant maken bijvoorbeeld, maar er zijn ook heel mooie robotjes mee te maken. Ultrakleine onderzeeërtjes die in de bloedbaan nuttig werk kunnen doen zoals het onschadelijk maken van kankercellen.

Al deze op stapel staande nieuwigheden worden met veel verbeeldingskracht in beeld gebracht. Eigenlijk met iets te veel verbeeldingskracht. De deskundigen (wetenschappers, kunstenaars, sciencefiction-schrijvers) die hun visie geven, worden in beeld gebracht in sinister tegenlicht, tegen een achtergrond van mismaakte foetussen op sterk water of in een huiskamer die opeens begint te golven en te vervormen. Af en toe snijdt een onderzoeker een plakje hersenen af, zien we een schedel volgeplakt met elektroden en heel vaak worden we onthaald op fragmenten van beroemde sf-films. Dr. Frankenstein en zijn ongelukkige schepping onderbreken het verhaal regelmatig, robotten lopen af en aan en ook zijn er fascinerende scènes uit een Amerikaanse zwart-wit film waar een mensachtige in plaats van hersenen een verzameling oude radio-onderdelen in zijn hoofd heeft.

Het zijn leuke illustraties, maar ze hebben een door de makers van de film niet voorzien effect: na een kwartier ontstaat in het hoofd van de nog niet bionisch opgewaardeerde kijker het denkbeeld dat nanotechnologie, genetische manipulatie en bio-chips van dezelfde orde zijn als de waanideeën waarvan dr. Frankenstein zo bezeten was. De makers trekken geen heldere grens tussen science en fiction en dat is nu precies wat ze wel hadden moeten doen. Het onderwerp is er belangrijk genoeg voor.

Werelden: Technocalyps, Ned.1, 22.39-23.34u.