Sterke banengroei EU

Het aantal banen in de Europese Unie stijgt flink. In de vijftien lidstaten hadden in het voorjaar van 1999 155 miljoen mensen werk. Dat is 3,2 miljoen meer dan in het jaar daarvoor. De stijging deed zich voor in alle lidstaten.

Volgens het Europese bureau voor de statistiek Eurostat slaat Nederland geen slecht figuur. Hier hadden vorig jaar 7,6 miljoen mensen een baan, wat neerkomt op 70,9 procent van de mensen tussen de vijftien en 64 jaar. In percentages staat Nederland tweede, achter Denemarken (76,5 procent)) met 2,7 miljoen banen. Spanje is hekkensluiter met 52,3 procent, wat neerkomt op 13,7 miljoen banen, aldus Eurostat.

Toch kent ook Spanje een sterke afname van de werkloosheid: van 22 procent drie jaar geleden tot 14 procent nu.

Het aantal mannen met een baan nam in de Europese Unie toe tot 71,6 procent (was 70,8). Het aantal vrouwen met een baan is met 52,6 nog steeds een stuk lager en maar langzaam groeiend. In 1998 bedroeg het percentage hier 51,2. De grootste stijging deed zich voor in Finland (4 procentpunten), gevolgd door Ierland (plus 2,8 procentpunten), Spanje (2,6) en Zweden (2).

Volgens Eurostat hebben van de 155 miljoen mensen 127 miljoen een volledige baan (82 procent). Van hen zijn er bijna 106 miljoen werknemer, de rest is zelfstandig. Van de mensen met een volledige baan is eenderde vrouw. Achttien procent heeft een deeltijdbaan. Vrouwen zijn hier met 80 procent in de meerderheid.